antwoorden module 1

of 25 /25
Economie 4 VWO

Author: tara-grotenhuis

Post on 15-Jul-2016

3 views

Category:

Documents


1 download

Embed Size (px)

DESCRIPTION

Antwoorden module 1 Economie bovenbouw VWO

TRANSCRIPT

Economie

4 VWO

Module 1Schaarste, geld en handel

Hoofdstuk 1Voor niks gaat de zon op

Verkenning

1Hij is snel en kan per uur goed verdienen (of: hij vindt het minder vervelend werk dan de alternatieven).

2Geld.

3Een gewerkt uur kan Erik niet aan zijn studie besteden. Kortom: het keuzeprobleem. Tijd is schaars.

4Geld en tijd zijn schaars. Je moet kiezen wat je met tijd en geld doet.

5De middelen zijn nooit onbegrensd, de behoeften wel. Daarom is er schaarste. Mensen willen dus vaak meer dan mogelijk is.

6Zonder onbegrensde behoeften kunnen de middelen gelijk zijn aan de behoeften en hoeft er geen keuzeprobleem te zijn.

7aDe vraag is groter dan de capaciteit. De aanbieders kunnen de vraag niet aan, waardoor er wachtlijsten ontstaan.bNee, bij economie zijn alle goederen en diensten waaraan de behoefte groter is dan de beschikbaarheid schaars. Dus ook de goederen en diensten waarbij de aanbieders de vraag aankunnen.

8Geld en goederen.

9Bijvoorbeeld: om je af te drogen na het douchen, om op te liggen aan het strand, om tocht onder een deur tegen te gaan.

10A, D en E zijn juist.

11Tijd.

12Ronald verliest 20 aan baten omdat hij met het tuinwerk het werk in de supermarkt misloopt. In plaats van 20 netto baten levert tuinwerk maar 14 netto baten op, een verlies van 6.

13ActiviteitKostenBatenNetto batenOpofferingskostenGecorrigeerde netto baten

Meehelpen in de keuken 310 7 5 2

Werken bij C1000 812 4 7 3

Uitgaan 05 5 7 2

14Werken bij C1000 had boven de 7 aan netto baten moeten uitkomen. De baten hadden meer dan 8 + 7 = 15 moeten zijn. Dus meer dan 15 / 4 = 3,75 per uur.

15aBijvoorbeeld: haar eigen smaak, of omdat zij denkt dat broccoli meer vitamines bevat.bActiviteitKostenBatenNetto batenOpofferingskostenGecorrigeerde netto baten

500 gram broccoli 2 7 5 2 3

2 kilo prei 2 3 1 5 4

1 kilo boontjes 2 4 2 5 3

16In een restaurant geldt niet dat een klant onbeperkte behoeften heeft; hij heeft immers op een bepaald moment genoeg gegeten. Bij de slager geldt dat wel, omdat een klant heel veel kan kopen om ze als partij in te vriezen of onder zijn familie te verdelen.

17A

18a

b36 = 2q1 + 12q2

19aProduct 2.b

c120 = 4q1 + (12 5)q1 = 15dZie de grafiek bij b.eZie de grafiek bij b.

20aHij kan in totaal meer cds en dvds kopen, tenzij hij alleen dvds koopt.bCds zijn zo goedkoop geworden dat hij veel meer cds koopt en minder geld (dan in de oude situatie) overhoudt voor dvds.

Toepassing

1aMensen hebben geen onbegrensde behoeften aan goederen en diensten. Het zijn troostaankopen, omdat er niet aan de echte behoeften (bezinning, goede relaties met andere mensen) wordt voldaan.bIn de praktijk blijkt dat mensen steeds mr willen hebben. Als een product gratis wordt uitgedeeld, blijkt de behoefte bijna altijd groter dan het aanbod.

2aSchaarse, in de zin Ook de zee behoort tot onze schaarse voedselbodems. Want de beschikbaarheid aan voedselbodems is kleiner dan de behoefte.bSchaarste, in de zin De oplossing is zoals meestal simpel: Kweek schaarste in goederen. Zorg dat de mens weer blij is met wat hij kan en heeft. Hij bedoelt met schaarste nu een beperkte hoeveelheid.cDe mens went aan het hogere consumptieniveau. Hij wil weer meer, waardoor er nooit genoeg energie voorhanden is.

3In beide artikelen is er twijfel of de behoeften wel oneindig zijn, of we onszelf niet voor de gek houden en de eigenlijke behoeften andere zaken betreffen, zoals goede relaties met andere mensen.

4aBijvoorbeeld: hij houdt niet van studeren. Hij heeft er geld voor over om niet te hoeven studeren.bPim kan met studeren het risico verkleinen of wegnemen dat hij teruggezet wordt naar 4-vwo.cDe kosten tellen ook mee, het saldo baten kosten is gunstiger bij een vakantie thuis.dPim (16 jaar)

ActiviteitKostenBatenNetto batenOpofferings-kostenGecorrigeerde netto baten

Vakantie in het buitenland 500800 300 600 300

Vakantie thuis 100600 500 600 100

Studeren 4001.000 600 500 100

Werken 100240 140 600 460

eStuderen.

5aHij geeft de buitenlandse reis hoge baten en het werk hoge kosten.bVader

ActiviteitKostenBatenNetto batenOpofferings-kostenGecorrigeerde netto baten

Vakantie in het buitenland500800 300 200 100

Vakantie thuis0200 200 300 100

Onderwijs volgen/studeren300400 100 300 200

Werken 8001.000 200 300 100

cDe buitenlandse vakantie.

6aOma

ActiviteitKostenBatenNetto batenOpofferings-kostenGecorrigeerde netto baten

Vakantie in het buitenland5008003001.000700

Vakantie thuis01.0001.000300700

Cursus volgen40004001.0001.400

bOmdat de aantrekkelijkheid van het alternatief heel verschillend is. Voor Pim is studeren een betere keuze, voor oma het thuisblijven.

7aJe kunt de ruimte op verschillende manieren gebruiken: voor een vliegveld, als stilteruimte, en voor vele andere doeleinden.bEr moet gekozen worden: stilte kost geld, want er kan ook geld verdiend worden met de luchthaven. De schaarste zie je ook aan het verschil in huizenprijzen.cZone 3: 60.500.000 / 0,023 28.000.000 = 93,94.dZone 5: 1.500.000 / 0,007 1.000.000 = 214,29.eBijvoorbeeld: files in de buurt als gevolg van reizigers.fBijvoorbeeld: een betere infrastructuur voor alle inwoners van het gebied; vliegtuigspotters kunnen hun hobby uitoefenen.g0,8 + 5 + 2,3 + 0,6 = 0,132 + 6 + X; X = 2,568 (miljard euro)hHet saldo van de positieve en negatieve effecten.

Hoofdstuk 2Van ruilen komt geen huilen

Verkenning

1Beide partijen moeten er voordeel bij hebben, er moet contact mogelijk zijn tussen koper en verkoper, er moet duidelijkheid zijn over de waarde van de te ruilen producten.

2aJe kunt alleen maar beschikken over goederen en diensten die in het land zelf geproduceerd worden. Er is geen mogelijkheid om te profiteren van goederen en diensten die niet in eigen land, maar wel in andere landen worden geproduceerd.bEr is altijd wel enige handel tussen landen, gebieden of mensen.

3aMet Pauline en Bas.bMinstens 20 (Sjors) en maximaal 26 (Bas) stripboeken voor n computer.

4Bas woont veel verder weg, dat is onhandig. De transactiekosten kunnen zo hoog zijn dat een ruil met Pauline beter uitkomt.

5Reiskosten, overlegkosten, kosten om een contract op te stellen, nalevingskosten, de tijd die nodig is om een koper of verkoper te vinden.

6aReiskosten of verzendkosten, kosten om contact te krijgen, genvesteerde tijd.bDe site maakt het veel gemakkelijker om een specifiek product te vinden zonder allerlei winkels af te moeten lopen.cBijvoorbeeld de site ruilen.nl.dBij een directe ruil moet aan twee voorwaarden voldaan worden: de koper moet interesse hebben in het te verkopen product, en de koper moet iets kunnen aanbieden waarin de verkoper interesse heeft. Bij een indirecte ruil vervalt de tweede eis.

7Wat is de prijs van een grof volkorenbrood?

8aEen stuk grond in ruil voor geld. Plus toezeggingen voor de bestemming van de grond.bDe transactiekosten zijn de bijkomende kosten, niet de verkoopprijs van het goed of de dienst zelf.cProjectontwikkelaarGemeente

Transactiekosten1De onderhandelingstijd die nodig is om de ruilverhouding vast te stellen.1De onderhandelingstijd die nodig is om de ruilverhouding vast te stellen.

2Het opstellen van het contract.2Het opstellen van het contract.

3De controle op het naleven van het contract (nalevingskosten).

dHij schat in welke opbrengst hij kan behalen met de verkoop van de huizen. Als die voldoende hoog is in vergelijking met de kosten, zal hij de ruil willen doen.

9aHet recht om de frisdrank als enige aanbieder een bepaalde periode op de markt te mogen brengen.bOnderzoekskosten, bijvoorbeeld wat voor type aanslaat bij de consument.Marketingkosten, om het product bekendheid te geven.cAls de frisdrank succesvol is, wordt het product zonder patent onmiddellijk nagemaakt door concurrenten. Zonder patent is de verwachte winst dus een stuk kleiner.dDat er eerder nieuwe producten op de markt komen waar de consument behoefte aan heeft.eDe prijs zal waarschijnlijk, bij gebrek aan concurrentie, aan de hoge kant zijn.

10aEcuador wil lagere importbelasting in de EU. De EU wil in ruil daarvoor tegemoetkomingen van Ecuador.bEr worden geen middelen geruild, maar veranderingen van overheidsbeleid.cDe onderhandelingen duren eindeloos. Er zijn dus hoge kosten, bijvoorbeeld hoge vergaderkosten.dDat ze geen auteursrechten meer afdragen bij de verspreiding van muziek(dragers) en software en de muziek en software dus illegaal laten verkopen.

11aMet de kassabon.bMet het koopcontract.cDe verkoper is geen eigenaar van de maangrond en kan de eigendomsrechten dus niet overdragen.

12aZijn arbeid.bDe ingeleverde tijd versus het verdiende inkomen.cDe productiviteit van Kai versus de loonkosten.dEen dienst: vakken vullen.eDe producten en diensten van de discotheek.fZonder het baantje kan Kai niet naar de discotheek. Of: er moet eerst iets geproduceerd worden voordat iemand hetzelfde goed consumeert.gGeproduceerde goederen en diensten zijn alleen nuttig als ze door consumenten gekocht en gewaardeerd worden.

13Yusuf, want hij plukt 6 kilo per uur, en Ria maar 4 kilo.

14aScholing en specialisatie.bBijvoorbeeld: ervaring, harder werken.

15aMet scholing (een computercursus), een computer en boekhoudsoftware.bHij gebruikt nu ook software: een boekhoudprogramma.

16aHij maakt gebruik van gespecialiseerde werknemers met een hoge arbeidsproductiviteit.bAls gevolg van de specialisatie blijft de prijs van een piano relatief laag en kunnen meer consumenten zich een piano veroorloven.

17aMensen kunnen zich (verder) specialiseren in werkzaamheden waarin ze goed en snel zijn.bArbeidsdeling loont bij voorbaat omdat er verschillen in productiviteit zijn.

18a1: minder; 2: goedkopere (of andersom).bGoedkopere factoren.cMinder inzet voor dezelfde productie (harde werkers).dLage lonen = goedkoper; hoog niveau = minder inzet voor dezelfde productie.

19aHij is in alles langzamer.bHij is bij fietsen (relatief) minder langzaam dan bij scooters.

20aProductie zonder arbeidsdeling

Aantal fietsenAantal scootersBenodigde tijd voor de fietsenBenodigde tijd voor de scootersTotaal benodigde tijd

Tom828 30 minuten = 4uur2 120 minuten = 4uur8

Linda696 20 minuten = 2uur9 40 minuten = 6uur 8

Totaal1411610 uur16

bProductie met arbeidsdeling

Aantal fietsenAantal scootersBenodigde tijd voor de fietsenBenodigde tijd voor de scootersTotaal benodigde tijd

Tom14014 30 minuten = 7uur07

Linda011011 40 minuten = 7uur, 20 minuten 7 uur, 20 minuten

Totaal141177 uur, 20 minuten14 uur, 20 minuten

c6 fietsen voor 2 scootersd3 : 1e3 : 1 ligt tussen 2 : 1 en 4 : 1 in.

Toepassing

1aProductie zonder arbeidsdeling

Aantal kisten tomatenAantal kisten paprikasBenodigde tijd voor de tomatenBenodigde tijd voor de paprikasTotaal benodigde tijd

Jansen483448 4 minuten = 192minuten34 12 minuten = 408 minuten600 minuten

De Wit501050 6 minuten = 300 minuten10 30 minuten = 300 minuten600 minuten

Totaal9844492 minuten708 minuten1200 minuten

bJansen legt zich toe op paprikas, De Wit op tomaten. Want De Wit gebruikt 50% meer tijd bij tomaten, maar 150% meer tijd bij paprikas. De Wit kan zich dus beter specialiseren in tomaten, en Jansen in paprikas.

cProductie met arbeidsdeling

Aantal kisten tomatenAantal kisten paprikasBenodigde tijd voor de tomatenBenodigde tijd voor de paprikasTotaal benodigde tijd

Jansen050050 12 minuten = 600 minuten600 minuten

De Wit1000100 6 minuten = 600 minuten600 minuten

Totaal10050600 minuten600 minuten1200 minuten

d10 kisten paprikas.eBijvoorbeeld: 10 kisten paprikas tegen 48 kisten tomaten.Verdeling na ruil

Aantal kisten tomatenAantal kisten paprikas

Jansen4840

De Wit5210

Totaal10050

fDe Wit heeft dezelfde hoeveelheid paprikas en meer tomaten. Jansen heeft dezelfde hoeveelheid tomaten, maar meer paprikas. Beide telers beschikken nu met de inzet van evenveel tijd over meer producten.g48 kisten tomaten voor 10 kisten paprikas, oftewel: 4,8 : 1hDe ruilverhouding moet tussen de 3 : 1 en 5 : 1 liggen. Dat is met 4,8 : 1 het geval.

2aDe werknemers werken hard, de arbeidsvoorwaarden worden niet goed nageleefd, waardoor de productiviteit nog hoger komt te liggen.bHet lidmaatschap dwingt Roemeni om de arbeidsvoorwaarden beter na te leven. Of: als Roemenen ook in de rest van de EU kunnen gaan werken, zal het loonpeil in Roemeni kunnen gaan stijgen.

3Met een patent moet je het recept na verloop van tijd prijsgeven. Coca-Cola was in staat het recept zonder patent veel langer geheim te houden.

4aHet stimuleert de verkrijger van het patent om veel geld in onderzoek te stoppen.bDe bezitter van het patent werd traag en duur bij gebrek aan concurrentie. Onderzoek door anderen was niet toegestaan.

5Kennis wordt beschermd door een patent en daardoor ontoegankelijk voor andere onderzoekers. Er wordt zo geen nieuwe kennis op basis van bestaande kennis opgebouwd.

6aEen ander woord is patent.bZonder patent/octrooi is het risico groot dat het geld dat in onderzoek wordt gestoken verloren gaat. Met een octrooi is de kans groter dat genvesteerd geld terugverdiend wordt.cDeze bedrijven hebben niet de hoge ontwikkelkosten.dDe overheid betaalt mee aan de kosten van de gezondheidszorg. Met goedkope medicijnen is de overheid minder geld kwijt en hoeven ook de belastingtarieven minder hoog te zijn.eDe premie aan de ziektekostenverzekeraar is minder hoog bij goedkope medicijnen.fDe bezitters van patenten geven zo veel geld uit om de patenten te kunnen houden dat er weinig geld overblijft voor nieuwe medicijnen.gVoor een nieuw medicijn worden meerdere patenten aangevraagd, producenten van namaakgeneesmiddelen worden met juridische processen tegengewerkt, patentbezitters proberen het patent te verlengen door het product iets te veranderen, in vorm of inhoud.

7De concurrentie van namaakmedicijnen wordt sterker, afnemers willen lagere prijzen, onderzoek wordt steeds duurder.

8aVoordeel van een patentNadeel van een patent

Producenten originele medicijnenBescherming tegen concurrentie, waardoor onderzoekskosten beter terugverdiend kunnen worden.Hoge kosten om het aflopen van patenten en de nadelen ervan tegen te gaan.

Producenten namaakmedicijnen*Geen mogelijkheid om tijdens de looptijd van een patent medicijnen op de markt te brengen.

Patinten/burgersNieuwe medicijnen als patent het onderzoek stimuleert(Te) dure medicijnen, te hoge premie ziektekostenverzekeringWeinig vernieuwende medicijnen omdat de fabrikanten (te) veel geld uitgeven aan juridische acties met betrekking tot de patenten.

OverheidBetere kwaliteit gezondheidszorg (als patent wel voor nieuwe medicijnen zorgt).Hogere kosten in de gezondheidszorg door ontbreken van voldoende goedkope medicijnen.

Wetenschappelijk onderzoekMeer onderzoek en vernieuwing omdat patent de kans op economisch succes vergroot.Minder onderzoek omdat de bereikbaarheid van kennis kleiner is.

bBijvoorbeeld in de laatste regel van het overzicht: het onderzoek wordt gestimuleerd, maar ook afgeremd.cEigen antwoord leerling.

91Zonder invoerrechten zijn de ingevoerde producten goedkoper voor de consument.2Hun export wordt niet meer tegengewerkt met invoerrechten.3Producenten in arme landen kunnen beter profiteren van hun kostenvoordeel waardoor de productie in arme landen toeneemt, terwijl te dure productie in rijke landen afneemt. Rijke landen worden ook meer gedwongen om te kiezen voor de productie waarbij zij een kostenvoordeel hebben.

Hoofdstuk 3Geld, de smeerolie van ruil

Verkenning

1De mensen in Zimbabwe konden steeds minder kopen met een bepaalde hoeveelheid Zimbabwaanse dollars. Ze hadden door deze inflatie steeds minder vertrouwen in de eigen munt. Daarom gingen zij de Amerikaanse dollar als ruilmiddel gebruiken.

2aHet is moeilijk om alle ruilverhoudingen vast te stellen.bEr moet een wederzijds verlangen zijn, en sparen is niet of nauwelijks mogelijk.

3a1 computer = 60 broeken = 3600 flessen bronwater = 1800 broden.bDe ruilverhouding is ingewikkeld, hij moet een verkoper van een computer zien te vinden die 1800 broden wil, hij kan de broden niet sparen, omdat ze bederven.cDe prijs is duidelijk: hij hoeft niets om te rekenen.dHet is niet nodig om een verkoper te vinden die 1800 broden wil.

4Bij veel goederen is het moeilijk of onmogelijk om een koper te vinden die omgekeerd iets aan te bieden heeft waar de verkoper behoefte aan heeft.

51 = oppotmiddel, 2 = ruilmiddel, 3 = rekenmiddel, 4 = rekenmiddel.

61 = algemeen, 2 = rekenmiddel, 3 = giraal geld.

7Geld als ruilmiddel. De zonnetjes functioneren als geld.

8Ruilhandel, ze ruilden onderling boeken.

9aEr kunnen munten van gemaakt worden, of klompjes.bDan zou het niet meer als waardevol gezien worden, en niet meer geaccepteerd worden. Of een verkoper zou een grote hoeveelheid willen ontvangen in ruil voor het product (inflatie!).

10A = zeldzaam, B = geld, C = salaris.

11Het is deelbaar (in porties te verdelen), handzaam, duurzaam (bederft niet) en tamelijk schaars.

122 3 4 1

13aAnders was er geen vertrouwen in de bankbiljetten, en zonder vertrouwen worden ze niet geaccepteerd.bOp het vertrouwen van de gebruikers (dat het geld zijn waarde behoudt).

14Alle drie de functies:ARuilfunctie: je rekent niet in euros af, maar in Noabers, de zelfbedachte geldeenheid.BRekenfunctie: voor iedere ruil wordt vooraf samen een prijs afgesproken.COppotfunctie: elk lid heeft een eigen Noaber-rekening.

15B

16A, C en D passen bij een daling van de interne waarde van de euro.

17aDe intrinsieke waarde is hoger dan van de gewone euro, waardoor mensen alleen maar met de gewone euro betalen.bDe Wet van Gresham.

18aAls het eerste getal 100 is (dus het basisjaar is), is het absolute verschil gelijk aan de procentuele verandering.bVan 103,2 naar 107,1 = 3,9 / 103,2 100% = 3,8%.cVan 107,1 naar 115,8 = 8,7 / 107,1 100% = 8,1%.

d2010: 100 / 107,1 100 = 93,42011: 100 / 115,8 100 = 86,4eVan 100 naar 86,4 = 13,6%.

Toepassing

1Jaar2009201020112012

Indexcijfer gemiddeld prijspeil110,22122,89123,51129,90

Inflatie11,50%0,50%5,17%

Indexcijfer koopkracht van n euro90,7381,3780,9776,98

Procentuele verandering koopkracht van n euro10,32%0,49%4,93%

2aDe prijzen verdubbelen, het indexcijfer van het gemiddelde prijspeil wordt 200. Het indexcijfer van de interne waarde wordt 100 / 200 100% = 50, een daling van 50%.bHet indexcijfer van het gemiddelde prijspeil wordt 100 2 2 = 400. Het indexcijfer van de interne waarde wordt 100 / 400 100% = 25, een daling van 75%.

3aHet is een onmiddellijk beschikbaar tegoed in handen van gezinnen en bedrijven.bGeld uit een automaat halen, pinnen in de winkel.cJa, giraal geld hoort bij de maatschappelijke geldhoeveelheid en betaalrekeningen zijn giraal geld.dNee, het is geen giraal geld, want het is niet onmiddellijk beschikbaar (bijvoorbeeld door te pinnen).eOm voldoende geld achter de hand te hebben als mensen spaargeld van de bank halen.f3 op 10 miljard = 30%

4a3 op de 18 = 16,7%bDe maatschappelijke geldhoeveelheid is gestegen omdat betaalrekeningen bij de geldhoeveelheid horen.c3 miljard = 10%, dus 30 miljard = 100%. Er mag dus, uitgaande van de 10 miljard in bron 7, 20 miljard bijgeschreven worden met kredietverlening.dEr is dan 2 op de 10 gedekt = 20%.eVan de 10 moet 10% = 1 als dekking aanwezig zijn. Er mag dus chartaal 3 1 = 2 uitgeleend worden.fGiraal, want dan kan zij veel meer geld uitlenen (en dus met de rente meer winst behalen).

5Verhogen. Dan moeten de banken meer achter de hand houden als dekking en kunnen zij minder uitlenen.

6aIn bepaalde mate duurzaam, niet gemakkelijk na te maken.bDeelbaar, handzaam.cWel deelbaar, handzaam en duurzaam.

7aDe munt moet een merkstempel hebben, een aanduiding van de waarde, en een vast gewicht en zuiverheid.bElke keer moest de zuiverheid vastgesteld worden.cMensen betaalden met de slechtste bladeren en hielden de goede bladeren zelf.dHoe meer tabak en goud, hoe hoger de prijzen (bron 9).eEr mag niet steeds meer geld in omloop komen, in vergelijking met de hoeveelheid geproduceerde goederen.

8aNee, het vertrouwen in de munt hoeft niet te betekenen dat de munt alleen haar waarde ontleent aan het vertrouwen en bijna geen intrinsieke waarde meer heeft.bDe intrinsieke waarde moet gelijk of lager zijn dan de extrinsieke waarde.

9aDe wissel was een soort tegoedbon voor goud. Wie geen vertrouwen heeft in de omwisselbaarheid, wil ook niet betaald worden in wissels.bAls de wissels niet meer (geheel) gedekt worden door goud. Het gebruik bleef immers in stand zo lang er vertrouwen was.

10aDoor krediet te verlenen door middel van bijschrijving op de betaalrekeningen.bDoor de minimale dekkingsgraad te verhogen.cDe biljetten werden in China aan de lopende band uitgegeven zonder de oude biljetten uit de omloop te halen. Het gevolg: een onvermijdelijke inflatie. De centrale bank wil daarom in onze tijd de geldhoeveelheid binnen de perken houden.

Herhaling

1Zij kiest voor de bijles.ActiviteitKostenBatenNetto batenOpofferings-kostenGecorri-geerde netto baten

Op de bank naar de tv kijken 0 2222 242

Een film in de bioscoop bekijken 8 146 2418

Twee uur bijles geven 4 2824 222

2a100 / 160 (1.150 + 2.300 + 63.780 + 137.000 + 19.300 + 6.450 + 230) = 143.881.bRuilmiddel, winkeliers accepteren de biljetten niet meer.cUitspraak 1 = extrinsieke waarde, uitspraak 2 = extrinsieke waarde, uitspraak 3 = interne waarde.dToenemen. De groei van het aantal vervalsingen zal het gebruik van pinpassen, internetbankieren en chipknip stimuleren. Deze betaalvormen hebben betrekking op giraal geld.eMinder. Er kwam meer voorlichting, de acceptatie van bankbiljetten nam af.

3aZonder arbeidsdelingAantal tafelsAantal stoelen

Producent A266

Producent B202

Totaal468

bA maakt tafels, B stoelen. B doet twee keer zolang over een tafel, maar minder dan twee keer zolang over een stoel.cMet arbeidsdeling, zonder ruilAantal tafelsAantal stoelen

Producent A500

Producent B010

Totaal5010

dBijvoorbeeld: 22 tafels voor 7 stoelen (alles met een ruilverhouding tussen 4:1 en 2,5:1).eRuil na de arbeidsdelingAantal tafelsAantal stoelen

Producent A287

Producent B223

Totaal5010

f22 : 7 = 3,14 : 1gHet ligt tussen 4 : 1 en 2,5 : 1.

4aDe arbeidstijd van het winkelpersoneel achter de kassa, de kosten van wisselgeld, pinpassen, chipknippen en het in stand houden van computernetwerken en geldautomaten.b0,19 = 0,11 + 0,007XX = 0,08 / 0,007 = 11,43cVoor de kostenbesparing is de gemiddelde chartale betaling: 66,3miljard/7,1miljard = 9,34.Na de kostenbesparing is de gemiddelde chartale betaling: 44,8miljard/5,6miljard=8.d1,5 miljard 0,11 = 165,0 miljoen(66,3 44,8) miljard 0,007 = 150,5 miljoenKostenbesparing chartale betalingsverkeer = 315,5 miljoen

5aInflatie.b18.997 = 17,33%. De totale geldhoeveelheid is: 100% = 18.997 / 17,33 100 = 109.619. De girale geldhoeveelheid is: 109.619 18.997 = 90.622 miljoen.cDe geldhoeveelheid stijgt van 2009 tot 2010 met 8,6% en van 2010 tot 2011 met 14,7%; de productie stijgt met respectievelijk 5,8% en 5,6%. De productie stijgt procentueel dus minder snel dan de geldhoeveelheid. Er is reden voor de centrale bank om zich zorgen te maken.

6a126 miljard.bGezinnen en bedrijven kunnen de girale tegoeden omruilen in chartaal geld.cNiet alle girale tegoeden worden op hetzelfde moment omgezet in chartaal geld.d126 miljard = 90%. 10% = 126 / 90 10 = 14 miljard.e40 miljard moet 25% zijn, 105 is dus 160 miljard. Er staat nu 126 miljard op de betaalrekeningen. Er kan dus nog 34 miljard worden uitgeleend.

Verplichte context

1aDe industrialisatie was nog niet sterk. Veel arbeid werd thuis gedaan, waardoor betaald werk en huishoudelijk werk meer door elkaar liepen.bDe industrialisatie zorgde ervoor dat vooral mannen buitenshuis gingen werken. De vrouwen bleven thuis voor het huishoudelijk werk.cEerst werden de taken binnen het gezin gratis gedaan. Nu worden ze voor een deel uitbesteed aan bijvoorbeeld kinderdagverblijven en poetsvrouwen die wel betaald worden.

2aBij oudere generaties is het percentage traditionele huisvrouwen hoger dan 10%, bij jonge generaties lager. Dit type sterft dus een beetje uit.bJa, in de tweede helft van de 20e eeuw komen de hedendaagse vrouw en gemancipeerde vrouw sterk op. Zij doen naar verhouding veel meer betaald werk.

3aHoe hoger opgeleid, hoe gemancipeerder de vrouw. (Of andersom: Hoe gemancipeerder, hoe hoger opgeleid.)bBron 3 geeft aan dat opleiding en emancipatie samengaan. Bron 4 laat zien dat een steeds groter aantal vrouwen na 1950 een hoge opleiding volgt.

4aVerdeling van de anderhalfverdieners

ManVrouw%

Werkt voltijdsWerkt in deeltijd41,4

Werkt in deeltijdWerkt voltijds3,6

bSteeds meer vrouwen hebben betaald werk.cAls er kinderen komen, is het meestal de vrouw die minder gaat werken. De tevredenheid met die situatie is groot.

5aBron 5 geeft alleen een verdeling voltijd-deeltijd. Dat is te onnauwkeurig om te berekenen hoeveel procent economisch afhankelijk is, omdat je met een grote deeltijdbaan economisch onafhankelijk kunt zijn. En salarissen ontbreken.bHet aantal niet-werkende vrouwen is niet gegeven. Bovendien zit in de groep 20-35 uur een deel afhankelijke en een deel onafhankelijke vrouwen.c1: Bij een scheiding vallen de vrouwen ver terug in inkomen. 2: Parttime gaan werken als er kinderen komen, levert een carrireachterstand op die bijna niet meer ingelopen wordt. 3: Het versterkt de positie van de vrouw in het huwelijk.

6Stelling 1: Kleine meerderheid tegenStelling 2: Driekwart vrStelling 3: Meerderheid oneensStelling 4: Driekwart oneensStelling 5: Meer dan driekwart oneensStelling 6: 65% eens

7a40%bBoodschappen doen.cEn op de zes = 17%.dEigen antwoord leerling. Voor de hand ligt: Nee, want de antwoorden die in bron 8 zijn gegeven, zijn gemancipeerder dan de feiten in bron 9.

8Vrouwen hebben (gemiddeld) meer aanleg en interesse in de verzorging van het kind. Als er kinderen komen, vermindert meestal de vrouw de omvang van de baan. Vrouwen hebben (gemiddeld) meer behoefte aan een schoon huis en een schone was. De bijdrage van mannen aan huishoudelijk werk is relatief het grootst bij boodschappen doen. Boodschappen doen is een taak waarbij ook gesjouwd moet worden, daar hebben mannen bij zware boodschappen lichamelijk meer aanleg voor.

9De bijdrage van de man is ongeveer gelijk bij autochtonen en Marokkanen en duidelijk groter bij de tweede generatie Turken. Anderzijds komt het delen van het huishoudelijke werk minder voor bij de tweede generatie allochtonen.

10aDe jongste leeftijdsgroep denkt traditioneler dan de oudere groepen, vooral de jongens.bBijvoorbeeld: misschien denken jongeren tussen de 15 en 24 altijd wel wat traditioneler en trekt dat bij het stijgen van de leeftijd bij.

11aBijvoorbeeld: afwassen, boodschappen doen, opruimen.bHet geeft snel ruzie/problemen: veel jongeren hebben er kennelijk weinig zin in.cBijvoorbeeld: ouders doen het liever zelf, ouders gunnen hun kinderen de vrije tijd, ouders willen dat hun kinderen voldoende tijd hebben voor hun huiswerk.

12aTijdArbeidsdelingUitleg

PrehistorieWeinig arbeidsdelingVoorbeeld van arbeidsdeling: mannen gingen op jacht, terwijl de vrouwen de hut opruimden. Verder veel dezelfde werkzaamheden, bijvoorbeeld: gereedschap maken, nieuwe hutten bouwen.

Opkomst van de beschavingenVerder toenemende arbeidsdelingVeel verschillende ambachten. Door specialisatie bereikte men een hogere welvaart en meer efficintie.

20e eeuwSterk toenemende arbeidsdelingVooral verdere specialisatie in de dienstensector (bijvoorbeeld welzijnswerkers, bedrijfsartsen, administrateurs bij het pensioenfonds, ambtenaren, communicatieadviseurs).

Vanaf de jaren 80 van de 20e eeuw, 21e eeuwAfnemende arbeidsdelingConsumenten moeten steeds meer diensten zelf doen, bijvoorbeeld zelf tanken, zelf inchecken, zelf de gekochte kastjes in elkaar zetten.

bKostenbesparingen bij de bedrijven.cDe consument die weinig behoefte heeft aan de dienstverlening waarop bezuinigd wordt, en door de lagere verkoopprijzen (als gevolg van de wegbezuinigde dienstverlening) meer andere goederen kan kopen.dConsumenten die de dienstverlening prettig vinden of het nodig hebben, zoals bejaarde mensen die een deel van de handelingen die ze nu zelf moeten doen, niet kunnen uitvoeren.

13aDe oplage daalt, dus kunnen er minder mensen in dienst zijn. De journalisten moeten steeds meer zelf doen.bEr is steeds minder specialisatie. Werknemers kunnen niet in alles goed zijn, terwijl ze wel alles moeten doen.cMaar van de andere kant wordt het werk ook eenvoudiger. Het werk dat de journalisten erbij moeten gaan doen, is kennelijk niet zo moeilijk.dBijvoorbeeld: docenten geven een vak waar ze zelf goed in zijn. Zonder arbeidsdeling geven docenten ook vakken waar ze zelf slecht in zijn. Specialisatie bij docenten verhoogt hun productiviteit en de kwaliteit. De directie bestaat uit mensen die goed leiding kunnen geven. Mensen met een lagere opleiding voeren andere taken uit, zoals het schoonmaken. Een gespecialiseerde schoonmaakploeg werkt sneller, dan docenten die zelf hun lokaal moeten schoonmaken.eBijvoorbeeld: fuseren met andere kranten, arbeidstijdverkorting waardoor er meer mensen in dienst blijven en de arbeidsdeling in stand kan blijven.

14aDe een zingt, de ander speelt basgitaar, de derde drums, er zijn mensen die de verlichting doen enzovoort.bDylan en Young schrijven de liedjes en voeren ze ook uit. Als de uitvoerenden anderen zijn, neemt de arbeidsdeling toe.cDe auteur bedoelt dat een jongere generatie zangers/uitvoerenden die liedjes beter kunnen vertolken, of de liedjes inzetten in andere typen voorstellingen.

15aLeidinggevend, administratief, technisch, organiserend, financieel.bDrie: de directeur, de hoofden, de medewerkers.cEr is meer controle, er is meer duidelijkheid naar wie geluisterd moet worden en wie de beslissingen neemt.