federaal verkiezingsprogramma

Download Federaal verkiezingsprogramma

Post on 11-Jan-2017

215 views

Category:

Documents

0 download

Embed Size (px)

TRANSCRIPT

  • een nieuwestart

    Verkiezingsprogramma Open Vld - Federale verkiezingen 13 juni 2010

    Ambitie 2020welvaart creren, welvaart verdelen

  • Ambitie 20201. een nieuwe politiek. In 2020 heeft 1 op 2 burgers opnieuw vertrouwen in de politiek. Nu is dat amper 17%. De politiek geeft het goede voorbeeld en doet het zelf met minder. Bovendien kent ons land een stabiel politiek klimaat, met slechts om de vijf jaar verkiezingen.

    2. begroting in overschot. Het tekort op de begroting moet omgebogen wor-den van een tekort van 4,8 % naar een overschot van 0,5% in 2020. In 2015 moet de begroting absoluut in evenwicht zijn. Vanaf dan moet een overschot opge-bouwd worden om de kosten van de vergrijzing op te vangen.

    3. meer jobs creren. werken moet lonen. minder armoede. De tewerkstellingsgraad in de leeftijdsgroep van 20 tot 64 jaar moet in ons land stijgen van 66% naar 73% in 2020. Dit betekent de creatie van 200.000 extra jobs tegen 2020, bovenop de spontane toename van jobs in de komende tien jaar. De belas-tingdruk op arbeid moet dalen van 42% naar 40% in 2020. Wie werkt moet min-stens 250 euro meer verdienen dan wie niet werkt.

    4. competitieve economie. Het percentage van de actieve bevolking dat actief betrokken is bij het opstarten van een onderneming in ons land moet stijgen van 2,85 % naar 5,2% in 2020. Het aandeel van de export naar de groeilan-den moet stijgen van 6% naar 10% in 2020. Het aandeel van de innovatie-uitgaven moet stijgen van 1,9% van het BBP naar 3% in 2020.

    5. zelfstandige en verantwoordelijke regios. De regios moeten volledig verantwoordelijk zijn voor hun inkomsten in 2020. De eigen fiscale inkomsten van de regios moeten stijgen van 30% naar 100% in 2020.

    6. efficinte en klantvriendelijke overheid. De totale kost van de over-heid moet zakken van 5.000 tot 4.000 per inwoner in 2020.

    7. zekere pensioenen. De gemiddelde uitstapleeftijd uit de arbeidsmarkt moet stijgen van 59 jaar naar 63 jaar in 2020. De gemiddelde loopbaanduur moet stijgen van 37 jaar naar 40 jaar in 2020.

    8. veiligheid en justitie. In 2020 is justitie grondig hervormd. Het vertrouwen in de werking van het gerecht stijgt van 66 naar 85%.

    9. hernieuwbare energie en energie-efficintie. Het aandeel hernieuw-bare energiebronnen in de energieconsumptie moet stijgen van 3,5% naar 13% in 2020. De energie-efficintie moet met 20% stijgen tegen 2020, zowel in de industrie als bij de gezinnen. Ons energiesysteem is dan ook koolstofarm.

    10. een open samenleving. In 2020 moet het armoederisico in ons land gedaald zijn van 15% naar 10%. Het loonverschil tussen mannen en vrouwen moet weggewerkt zijn, homoadoptie mag niet langer een taboe zijn en euthanasie moet in heel het land effectief mogelijk zijn.

  • De wereld is in beweging

    De wereld staat niet stil. De voorbije decennia zijn een aantal gebeurtenissen als een tsunami door de hele wereld gegaan. Die gebeurtenissen hebben ook ons land niet onberoerd gelaten. Ze hebben de we-reld waarin wij leven en werken voor altijd veranderd.

    De val van de Berlijnse muur, in 1989, was zon schokgolf. Het betekende de eenmaking van Duitsland, de bevrijding van de Oost-Europese landen uit de wurggreep van de Sovjet-Unie, het einde van de koude oorlog, de uitbreiding van de Europese Unie tot aan de grenzen van Rusland. Dat is allemaal goed nieuws, absoluut, maar het maakt ook dat Europa en ons land zich moeten aanpassen.

    De aanslagen op de WTC-torens in New York en op andere plaatsen in de Verenigde Staten, dat was nog zon tsunami. Sedert 9/11 is de wereld niet meer dezelfde. Verschillende oorlogen blijven woeden en we zijn heel anders over veiligheid gaan denken. Ondertussen blijven de verschillen in welvaart tussen het Noorden en het Zuiden hemelhoog. Geweld en armoede veroorzaken grote migratiegolven, met soms voordelen, vaak grote nadelen. In elk geval veranderen onze steden van gezicht, en we moeten ervoor zorgen dat die diversiteit in goede banen wordt geleid.

    Ondanks de enorme cultuurverschillen is de wereld in de voorbije decennia een groot dorp geworden. Via internet en de moderne communicatiemiddelen is iedereen met iedereen verbonden. Op korte tijd ging Europa van twaalf naar vijfentwintig lidstaten. In de internationale economie steken nieuwe reu-zen zoals China, India en Brazili de kop op. Dat is een positieve evolutie. Het betekent dat de te-genstellingen tussen het rijke Westen en de rest van de wereld kleiner worden. Het betekent dat steeds meer mensen een menswaardig bestaan kunnen opbouwen. Ook voor ons is dat een goede zaak. Onze bedrijven zijn op de export gericht en vinden nu enorme nieuwe markten. Maar we moeten alert blijven. Als we flexibel genoeg zijn dan zal de globalisering ook voor ons meer welvaart brengen, vandaag en in de toekomst. Maar als we bij de pakken blijven neerzitten, dan dreigen de gevolgen negatief te zijn. Dan zullen we onze bedrijven, onze jobs en onze welvaart steeds meer naar lageloonlanden zien verdwijnen en dan worden we een oud land in een oud continent.

    Onze samenleving wordt niet alleen veelkleuriger, ze wordt tegelijk ook grijzer. We moeten in ons land, zoals in haast heel de Westerse wereld, rekening houden met een verouderde bevolking. Het aantal ouderen stijgt in de komende decennia snel en dat zorgt ervoor dat we ons moeten aanpassen. We moeten zorgen dat zoveel mogelijk mensen aan het werk zijn en dat we klaar zijn om die veroude-ring op te vangen in ons gezondheidszorgsysteem en in onze pensioenen.

    Tenslotte is de wereld zich steeds meer bewust geworden van de grote ecologische uitdagingen waarvoor we staan. Gelukkig maar, we wensen onze kinderen immers ook een leefbare aarde toe. We worden met steeds meer mensen afhankelijk van een aantal schaarse grondstoffen. We weten nu dat onze activiteiten, de manier waarop we ons voedsel produceren, werken, wonen en ons verplaatsen, mee verantwoordelijk zijn voor de opwarming van de aarde. Internationaal is het besef gegroeid dat dit een uitdaging is voor de hele mensheid. We zullen daarin ons steentje moeten bijdragen. Als we het verstan-dig aanpakken, kunnen we daar ook ons voordeel mee doen.

  • Ons land heeft zich nog te weinig aangepast aan deze nieuwe wereld. Terwijl andere landen hervormin-gen doorvoerden in hun sociale zekerheid, in de werking van hun arbeidsmarkt of in de manier waarop belastingen worden geheven, bleven wij te vaak vastzitten in interne discussies en communau-taire twisten. We zijn er wel in geslaagd om de begroting onder controle te houden en om bijkomende arbeidsplaatsen te maken. Maar we waren nog niet klaar om structurele ingrepen te doen in het functio-neren van onze welvaartsstaat.

    Daarom komen de schokgolven van de voorbije jaren hard aan. De bankencrisis, de economische crisis, de hoge werkloosheid het zorgt er allemaal voor dat onze problemen zwaarder geworden zijn en dat we ze dringender en ingrijpender moeten aanpakken.

    Waarom is ons land vastgelopen, terwijl de wereld zo in beweging is? Het heeft veel, zoniet alles, te maken met de verouderde manier waarop we aan politiek doen, op verschillende vlakken.

    We hebben ons land in de voorbije veertig jaar stelselmatig omgevormd van een unitaire staat naar een federaal systeem. Onze ingewikkelde communautaire compromissen begrijpt niemand in de wereld meer, maar ze hebben wel lang gewerkt en gezorgd voor communautaire vrede. Vlaanderen kreeg daar-bij steeds meer autonomie en ging er in welvaart flink op vooruit. Maar vandaag blokkeert het systeem en de oude manier van staatshervorming werkt niet meer. De gemeenschappen staan met getrokken messen tegenover elkaar, het wantrouwen is huizenhoog, zelfs de eenvoudige problemen raken niet meer opgelost. Het kader waarin we werken is verouderd. We zullen de moed moeten hebben om het hele systeem in vraag te stellen en iets nieuws en werkbaars op poten te zetten. We zullen moeten gaan voor mr autonomie, maar ook voor eenvoudiger en werkbare procedures.

    De wijze waarop we het federale Belgi en de Gemeenschappen en Gewesten financieren is verouderd. We hebben in het verleden steeds meer bevoegdheden naar de deelgebieden doorgegeven. Die deelgebie-den kregen ook eigen fiscale bevoegdheden, maar voor het grootste deel krijgen ze hun geld nog steeds uit de federale schatkist. Dit systeem is ondertussen uit zijn voegen gebarsten. Het heeft ertoe geleid dat de opbrengsten van de economische groei vooral ging naar de deelgebieden, terwijl vooral de fede-rale overheid moest blijven instaan voor de staatsschuld, de veiligheid en de kosten van de vergrijzing. Er zijn geen winnaars in dit spel. Een armlastige federale begroting, of een onbetaalbare sociale zeker-heid, zijn voor de Vlamingen en de Franstaligen even grote problemen.

    Onze sociale zekerheid kreeg vorm vlak na de Tweede Wereldoorlog. Het was toen een vooruitstre-vend bouwwerk, met een vrij logisch bouwplan. Maar ondertussen zijn we zestig jaren verder. Het huis is verouderd. We hebben nooit structurele ingrepen gedaan, wel hebben we steeds nieuwe kamers bijgebouwd. De doelstellingen zijn nog hetzelfde als zestig jaar geleden: zorgen voor goede en betaal-bare gezondheidszorg voor iedereen; een waardig pensioen voor een waardige oude dag; menswaardige uitkeringen voor wie buiten zijn schuld ziek of werkloos wordt, bestrijden van armoede en uitsluiting. De doelstellingen zijn dus nog hetzelfde, maar de technieken die we gebruiken zijn verouderd, niet meer aangepast aan de werkelijkheid van vandaag. Onze sociale zekerheid vertoont steeds meer trekken die niet fair lijken te zijn, ze leidt te vaak tot de vaststelling dat we mensen betalen om niets te doen, de

    Ons land staat stil

  • financiering ervan komt in het gedrang. Ook hier zal een beetje rommelen in de marge niet meer hel-pen. Ook hier zullen we moedige veranderingen nodig hebben en structur