atmosfeer editie 14 – februari 2015

36
ATM OSFEER nr. 14 - februari 2015 Implementatie van BRZO We gaan onszelf meer verplichtingen opleggen VanderHelm: de bodembrede dienstverlener Familiebedrijven gaan niet voor het gewin op korte termijn Jaartsveld Groen en Milieu Terugblik op ruim 30 jaar bedrijvigheid en toewijding

Upload: afvalstoffen-terminal-moerdijk

Post on 08-Apr-2016

228 views

Category:

Documents


6 download

DESCRIPTION

De veertiende editie van ons relatiemagazine!

TRANSCRIPT

Page 1: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

ATMOSFEERnr. 14 - februari 2015

Implementatie van BRZO We gaan onszelf meer verplichtingen opleggen

VanderHelm: de bodembrede dienstverlener Familiebedrijven gaan niet voor het gewin op korte termijn

Jaartsveld Groen en Milieu Terugblik op ruim 30 jaar bedrijvigheid en toewijding

Page 2: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

2 ATMOSFEER februari 2015

Van de redactie

COLOFON

2 Van de redactie 3 Van de directie 4 Hebben sensoren de toekomst? 7 Bloemen en waskaartjes voor Moerdijk 8 VanderHelm 10 Reym 14 Jaarverslag 16 Nieuwe omgevingswet in de praktijk 18 Implementatie van BRZO

20 ATM vormgegeven 22 Rookgassen nog schoner 23 De kweekvijver 24 Van aanvraag tot aanlevering 26 Jaartsveld Groen en Milieu 32 Zo bouw je een tank 34 Veiligheidsdag 35 Nieuwsflits

Redactie:Arno NijssenPiet RolloosSanne WagemakersJacques de Jong

Vormgeving:www.artfullmedia.nl

Interviews:Michel van StratenAdriënne Nijssen

Gastauteurs:Leunis RiemensHenk Strijbos

ATMosfeer is een uitgave van:

Afvalstoffen Terminal Moerdijk B.V.Tel: 0168-389225Fax: 0168-389270E-mail: [email protected]: www.atmmoerdijk.nl

INHOUD

Meestal benoemen we hier alle artikelen die in deze ATMosfeer gepubliceerd worden. Deze keer is het echter teveel om hier te vermelden. Een extra dikke uitgave en vandaar ook wat later dan dat U van ons gewend bent.Als we deze uitgave samenvatten dan hebben de meeste artikelen iets met de toekomst te maken. We zijn steeds bezig met de tijd die voor ons ligt. Er ont-staan steeds weer nieuwe ideeën om zaken beter, veiliger, slimmer, handiger en met minder overlast te doen, waarbij zeker ook naar nieuwe technieken geke-ken wordt. We zijn onderdeel van een beursgenoteerd bedrijf en dat brengt verplichtingen met zich mee. Aandeelhouders zien graag rendement van hun geld, maar niet ten koste van alles. Voor hen staat het op een verantwoorde manier van afval verwerken hoger op de lijst dan financieel gewin. Daar mogen we ons gelukkig mee prijzen, want dit biedt ons de mogelijk-heid om te blijven investeren. Het blijkt ook uit de be-zoeken die door deze mensen afgelegd worden. Men is zeer geïnteresseerd in en gefascineerd door wat hier allemaal gebeurt. Soms leidt dit echter tot vervelende keuzes. Het reinigen van grond middels een wasproce-dé wordt niet langer als een rendabele activiteit gezien en zo komt er na 30 jaar een einde aan de vestiging van Jaarstveld in Steenbergen. In een uitgebreid artikel

wordt teruggekeken op deze periode.Het personeelsbeleid is ook gericht op de toekomst met het aantrekken van jong talent. De oude en pio-nierende garde wordt steeds ouder en het is belangrijk dat goede opvolgers klaar staan. Met de nieuw ESP en drie nieuwe tanks kunnen we ook weer een poos vooruit. Verder ook een paar artikelen die te maken hebben met de afgelopen periode (oa jaarverslag en veilig-heidsdag). Veel is er in de media te doen geweest over roetdeeltjes en geur. De nieuwe techniek die gebruikt wordt bij Enoses helpt om beter geurbronnen te trace-ren. Via de roetdeeltjes affaire zijn we heel negatief in het nieuws geweest. Met een gebaar naar de inwoners van het dorp Moerdijk hopen wij dit achter ons te la-ten en weer aan een gezamenlijke toekomst te kunnen gaan bouwen. De directie heeft dan ook opgeroepen om vanuit het dorp met initiatieven te komen voor een maatschappelijke investering ten baten van het dorp. De "M" in ATM staat immers voor Moerdijk, vanzelf-sprekend dat we het dorp dus een warm hart toedra-gen.

De redactie

Page 3: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

3

Veiligheid voorop, zo ook in het voorwoord van de directie. In vijf maanden tijd zijn we onverwachts geconfronteerd met drie serieuze ongevallen waarbij helaas mensen gewond zijn geraakt. Tussen de drie ongevallen lijkt geen enkel oorzakelijk verband te bestaan, maar daagt ons wel uit om naar verdere verbeteringen te kijken. Deze lijken vooral te behalen in cultuur- en gedrags-verandering.Op 20 november 2014 was het onze jaarlijkse Veilig-heidsdag waarbij extra aandacht is besteed aan het melden van interne risico's om uiteindelijke ongevallen te voorkomen. We kennen immers allemaal de ijsberg-theorie.

Let op elkaar en personeel van derden. Wijs elkaar op risico's. Dit alles ter voorkoming van ongevallen. We vinden het als directie van

groots belang dat iedereen aan het einde van de dag weer gezond naar huis kan.

Help elkaar daarbij.

Momenteel volgen alle medewerkers een veiligheids-cursus conform VCA. De eerste groepen hebben hun certificaat reeds ontvangen (zie bladzijde 34 in deze ATMosfeer).De directie is in overleg met Brandweer Midden- en West-Brabant om deel te nemen aan een project om de veiligheidscultuur verder te verbeteren.Op het gebied van brandveiligheid kan worden gemeld dat de aangekochte crashtender inmiddels in Brabant is aangekomen en binnenkort bij ATM zal zijn. Zo snel

mogelijk worden onze eigen brandweerlieden opgeleid om dit indrukwekkende voertuig te kunnen bedienen.Qua operationele ontwikkelingen valt te melden dat het nieuwe ESP inmiddels naar tevredenheid in bedrijf is genomen. Ook de bouw van de drie grote opslagtanks vordert voorspoedig. (zie bladzijde 32 in dit nummer).Trots zijn we op onze nieuwe website waarover u ook op de pagina's 20 en 21 kunt lezen.Een minder prettige ontwikkeling voor de direct be-trokkenen is de sluiting van onze vestiging Jaartsveld Groen & Milieu (JGM) te Steenbergen. Ruim 30 jaar is hier enthousiast en met hart en ziel door vele collega's gewerkt. De huidige marktontwikkelingen maken een sluiting echter noodzakelijk. Het goede nieuws is dat alle JGM-medewerkers bij ATM aan de slag kunnen. In oktober en november zijn we veelvuldig in het nieuws geweest naar aanleiding van de (roet)deeltjes neerslag in het dorp Moerdijk. Om de discussie hierover te slui-ten, heeft ATM een gebaar richting het dorp gemaakt. (zie bladzijde 7 in deze ATMosfeer)Verder blijven we ons inspannen om afval met zo min mogelijk hinder voor de omgeving te verwerken. Hiertoe wordt fors geïnvesteerd in mens en materieel.Hoewel wat laat, wensen wij u tot slot langs deze weg allen, een in alle opzichten, opgeruimd 2015.

Directie ATM

Mocht u geïnteresseerd zijn in een bezoek aan

ons bedrijf, bent u van harte welkom.

U kunt hierover per e-mail contact opnemen:

[email protected]

Van de directie

In 2014 zijn we getroffen door het overlijden van twee collega's. Op deze plek gedenken we Tonny Cornel en Gerard Broeders.

Tonny was vanaf 1997 in verschillende functies bij ATM in dienst. Om als vrouw in de mannenwereld die ATM is, een lei-dinggevende functie te verwerven, dien je van een uitzonderlijk kaliber te zijn. Haar optimisme, inzet en grote betrokkenheid

bij ATM, tot de allerlaatste dag hebben wij als heel waardevol ervaren.Op 5 augustus verloor ze uiteindelijk op 58 jarige leeftijd de ongelijke strijd tegen haar ziekte.

Gerard was sinds 2011 werkzaam als operator bij de TRI. Hij was een fijne, toegewijde en betrokken collega die helaas veel te kort onder ons is geweest. Op 2 december is Gerard op 42 jarige leeftijd plotseling overleden.

Ons medeleven gaat uit naar familie en vrienden van Tonny en Gerard. Wij zullen beide collega's bijzonder missen.

Directie en collega's

Page 4: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

4 ATMOSFEER februari 2015

Hebben sensoren de toekomst?De laatste tijd is er in de media regelmatig aan-dacht voor de eNose. Het is een instrument wat werkt met sensoren en waarmee geuren geme-ten kunnen worden. Onze nieuwsgierigheid was al snel gewekt en de redactie is er op uit gegaan om uit te vinden hoe zo'n eNose nu eigenlijk werkt en wat er precies allemaal mee gemeten kan worden. Vooral over de werking an sich lees je vrij weinig, terwijl dat toch de basis is...

TechnologieDe sensortechnologie geniet de laatste jaren grote be-langstelling. Eén van de oudst bekende sensoren is het vogeltje dat in de mijnbouw werd gebruikt. Viel het vogeltje van zijn stokje, dan bevond er zich mijngas in de mijnschacht. Anderen die we allemaal kennen, komen uit de medische hoek. De zwangerschapstest en strips voor het meten van suikergehalte in urine en bloed zijn gebaseerd op specifieke reacties. Deze techniek heeft echter een stap gemaakt in de richting van het meten van grootheden zoals spanningsver-schillen, stroompjes die wel of niet lopen in de aan-wezigheid van stoffen. Op universiteiten is er veel aan-dacht voor het snel en betrouwbaar meten van diverse parameters, vaak nog gericht op het snel of vervroegd vast stellen van aandoeningen zoals kanker. Land-bouw en veeteelt zijn ook toepassingsgebieden waar

veel innovatie plaatsvindt. De ontwikkeling van steeds snellere, kleinere, goedkopere chips levert een grote bijdrage aan deze technologie. Doordat veel institu-ten hier mee bezig zijn komen er regelmatig apparaten op de markt die een totaal ander toepassingsgebied hebben. En hier begint het verhaal van de eNose. Er bestaan twee bruikbare sensortechnieken die met het meten van gassen te maken hebben. Er zijn kanker-soorten waarbij de patiënt een zeer specifieke geur afscheidt. Hierbij worden kunststof sensoren gebruikt die reageren op de specifieke gassen die bij dit ziek-tebeeld vrijkomen. De tweede techniek is het uitrusten van de sensoren met een metaaloxide om zo diverse reacties in gang te zetten en die typisch een breder werkgebied hebben.

BeginWe maken even een stap terug in de tijd. Toen de in-dustriële revolutie zijn intrede deed was dit vooral een mechanische revolutie. De stoommachine die mens-kracht verving was de aanzet. De chemische industrie is enige tientallen jaren later pas begonnen. Het bleek echter dat de kwaliteit van de gemaakte producten niet altijd even constant was. Controle werd noodzakelijk. Eerst in een laboratorium, maar in de productielijn me-ten zou toch handiger zijn. In de 80-iger jaren van de vorige eeuw werd hier de eerste aanzet gegeven tot het snel analyseren. Het product moet echter ook ver-voerd worden en vooral lichte, ontvlambare vloeistof-fen zorgen regelmatig voor ongelukken. De explosie-meter deed zijn intrede om te meten of de damp, die bijvoorbeeld in een scheepsruim hangt, een brand kan veroorzaken. Deze worden nog steeds gebruikt, maar de techniek ging verder. De PID-meter werd bedacht om stoffen te detecteren die toxisch zouden kunnen zijn voor degene die er aan bloot gesteld werd. Bij het gebruik van deze Photo Ionisation Detector moet je heel goed weten welke stoffen je wilt gaan meten. Doordat een lamp aanwezig is die licht uitstraalt van een vast energieniveau, reageert elk molecuul anders. Benzeen geeft bijvoorbeeld een totaal ander beeld dan aceton. Dat is lastig tenzij je weet welke stof je wilt gaan meten. Ook dit type meters heeft nog steeds zijn eigen toepassingsgebied. De aandachtige lezer heeft opgemerkt dat er dus in de loop van de jaren een stap is gemaakt van bescherming van materialen (schepen, tanks) naar bescherming van de mens.

Page 5: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

5

PrincipeHet meetprincipe van de eNose is geba-seerd op reacties die plaatsvinden aan het oppervlak van de sen-sor. De sensor bestaat uit aluminiumoxide met daarop een dun laagje tinoxide dat als gelei-der dienst doet. Gas-moleculen die de sen-sor passeren, reage-ren aan het oppervlak van de sensor. Door

deze reactie ontstaat een spanningsverschil zodat er een stroompje gaat lopen. Dit stroompje wordt gere-gistreerd. In tegentelling tot de eerder genoemde PID meter, waar slechts één bron aanwezig is, is de eNose uitgerust met vier verschillende sensoren die verschil-lende signalen afgeven. Het zijn vier dezelfde senso-ren die verschillend reageren omdat er verschillende sporenelementen toegevoegd zijn aan de tinoxide. De levensduur is erg afhankelijk van het gebruik en de om-standigheden maar bedraagt grofweg 2 tot 5 jaar.

KwaliteitAls men een analysemethode wil gebruiken dan zijn een aantal factoren bepalend of een methode geschikt is: robuustheid, selectiviteit, herhaalbaarheid, meetbe-reik.• Robuustheid is een maat voor de invloed van ex-

terne factoren, zoals in dit geval luchtvochtigheid en temperatuur. Deze invloed is zeker aanwezig, maar verschilt per stof.

• Selectiviteit geeft aan of er factoren zijn die de meting beïnvloeden door zelf een reactie te ondergaan en op die manier de meting te verstoren. Bijgaande op-names van dampen van zuivere stoffen laten zien dat het aantonen van een bepaalde stof in een meng-sel niet eenvoudig is. Vaker heeft men te maken met mengsels die bestaan uit meerdere componenten. Op dit gebied mogen er dan ook zeker geen wonde-ren verwacht worden van de eNose.

Benzine

Ammoniak

• Herhaalbaarheid is een maat voor hetzelfde meten met verschillende instrumenten en/of op verschil-lende momenten. Dit valt of staat met de nauwkeu-righeid waarmee de sensors gemaakt zijn. Volgens de fabrikant is uit testen gebleken dat er weinig tot geen verschil zit tussen metingen met hetzelfde in-strument, maar ook niet tussen de verschillende in-strumenten.

• Meetbereik moet zo groot mogelijk zijn, want men wil graag lage en hoge concentraties kunnen meten. Het zou niet handig zijn als voor bepaalde compo-nenten het instrument pas reageert als de concen-tratie ver boven de giftigheidsgrens ligt. Andersom, een zeer hoog signaal bij lage concentratie, doet de bruikbaarheid ook geen goed omdat zo'n signaal alle andere als het ware wegdrukt.

BruikbaarheidOndanks het feit dat de eNose beperkt is qua selec-tiviteit, is het zeker wel een bruikbaar instrument. De kracht zit hem in de prijs, krachtige software en even-tuele mobiliteit. Door de lage aanschafprijs is het mo-gelijk om relatief goedkoop een meetnet op te zetten. Door veel meetpunten te realiseren, is het mogelijk om te volgen welke eNose wanneer, welk patroon laat zien. In combinatie met gegevens over de windrichting kun-nen emissiebronnen beter opgespoord worden dan voorheen. Op deze manier is bijvoorbeeld een schip te traceren dat aan het ontgassen is, maar ook als er bijvoorbeeld ergens op het industrieterrein een lekkage is opgetreden. Daarnaast is het dankzij de software mogelijk om het instrument te leren om geuren te herkennen. Als er op een bepaalde locatie een typische geur waargenomen wordt, kan men deze in de database opslaan onder een bepaalde naam. Dit patroon wordt dan later even-tueel herkent als deze geur weer (elders) wordt waar-genomen. Door het instrument te voeden met kenmer-kende geuren kan dit een extra toegevoegde waarde zijn in de toekomst. Een garantie is dit natuurlijk niet, omdat de samenstelling van de geur aan verandering onderhevig kan zijn zonder dat het typische geurele-ment er uit verdwijnt.

5

Page 6: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

6 ATMOSFEER februari 2015

MeetnetOm een goed beeld te krijgen van welke stoffen er in een bepaald gebied vrijkomen, zijn in het verleden meetnetten opgezet bestaande uit analytische instru-menten, met daaraan gekoppeld zelf-aanzuigende monstername apparatuur. Dit laatste is nog steeds de beste methode waar echter een hoog kostenplaatje aan vast zit qua aanschaf en onderhoud van de ap-paratuur. Het monitoren van fijn stof en ozon wordt op soortgelijke wijze gedaan. Samenhangend met deze hoge kosten is dat zo'n systeem niet flexibel is en bij calamiteiten niet even neergezet kan worden.Dankzij de eNose technologie kan er een ander type meetnet worden opgezet. Men kan voor hetzelfde be-drag als een analytisch instrument een veelvoud aan eNoses aanschaffen. Middels de draagbare versie kan men bij calamiteiten snel reageren en acteren. De mo-gelijkheid ontstaat dus om geurwolken te volgen en samen met gegevens over windrichting de bronlocatie te bepalen.

De milieudienst in de regio Rijnmond is hier als eerste mee aan het experimenteren geweest. Inmiddels zijn op het industrieterrein Moerdijk en in de directe omge-ving 29 eNoses geïnstalleerd.

GeurGeur is een lastig begrip, omdat het subjectief is. De één vindt een bepaalde geur heerlijk en de ander niet. Er zijn stoffen die je niet of nauwelijks kunt ruiken en die tevens gevaarlijk voor de gezondheid zijn. Een be-kend voorbeeld zijn riolen en mestsilo's waarin al veel mensen zijn omgekomen omdat het giftige H2S (rotte eierenlucht) te laat werd opgemerkt. Aan de andere kant zijn er stoffen die totaal ongevaarlijk zijn maar geen prettige lucht met zich meedragen. Bijvoorbeeld de geuren die bij productie van suiker vrijkomen, zijn

typisch maar ongevaarlijk. Met de subjectiviteit en het gevaar is de geurproblematiek in de kern benoemd.

SteunATM heeft deze techniek omarmt en steunt ook het opzetten van een meetnet op het industrieterrein. ATM heeft zelf vier eNose's aangeschaft, waarvan er drie op het eigen terrein zijn geplaatst. Een draagbaar exem-plaar is aanwezig op de afdeling Compliance. De titel van dit artikel kan met ja worden beantwoord, indien de spreuk 'meten is weten, maar weet wat je meet' geen geweld wordt aangedaan. Een krachtig hulpmid-del, maar wel een waar je je verstand bij moet blijven gebruiken.

Page 7: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

7

Bloemen en waskaarten voor Moerdijk

In de nacht van 1 op 2 oktober 2014 zijn in enkele straten (roet)deeltjes neergeslagen in het nabij gelegen dorp Moerdijk. Onverwacht is ATM twee weken later publiekelijk aangewezen als ver-oorzaker van deze neerslag. Veelvuldig zijn we negatief in het nieuws geweest. Zelfs landelijk. Vervolgens hebben we de inwoners van het dorp Moerdijk middels een brief geïnformeerd over onze kant van het verhaal. TNO heeft inmiddels onafhankelijk onderzoek verricht en half novem-ber geconcludeerd dat niet onomstotelijk vast staat dat ATM de veroorzaker was van de neer-slag. Op basis van de beschikbare gegevens was echter ook niet uit te sluiten dat we een bijdrage hebben gehad…

Van onze kant wilden we de, veelal in de media gevoer-de, discussie beëindigen. Eind november hebben we in een tweede brief een gebaar gemaakt naar alle inwo-ners van Moerdijk. Zo gaf elke bewonersbrief recht op een bloemetje naar keuze bij de loka-le bloemist en zat een autowaskaart ingeslo-ten. Uit de reacties die wij uit het dorp hebben ontvangen, maken wij op dat het gebaar ge-waardeerd is.

Desondanks vonden we het toch gepast om in deze editie van de ATMosfeer enigs-zins aandacht te be-steden aan dit voorval. Immers wordt de AT-Mosfeer ook huis-aan-huis verspreid in het dorp Moerdijk.

Gebaar gemaakt na (roet)deeltjesaffaire

Oproep sociale investering 2015Dat wij het dorp Moerdijk een warm hart toedragen, uit zich al jarenlang in ons actief lokaal sponsor- en inkoopbeleid. Voor 2015 willen wij de inwoners van het dorp Moer-dijk uitdagen met voorstellen te komen voor een sociale investering. Investeringen die het sociale leven aangenamer maken en ten goede komen aan een brede doelgroep binnen de dorpskern. Voorstellen kunnen worden ingediend via het formulier op onze website onder het kopje Omgeving > Social investments > Aanvragen social investment. Voorstellen die wij uitkiezen, kunnen rekenen op een flinke financiële on-dersteuning.

ATM-medewerkers van verschillende afdelingen helpen om de brieven en attenties gereed te maken en vervolgens huis-aan-huis rond te brengen.

Page 8: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

8 ATMOSFEER februari 2015

VanderHelm: de bodembrede dienstverlener

VanderHelm afficheert zich als bodembrede dienst-verlener. Het bedrijf dat zich ontwikkelde vanuit een agrarisch loonbedrijf, is klanten van dienst met alles wat er op of in de bodem moet gebeuren, op het gebied van milieu, civiel/infra en ecologie. Van-derHelm streek zeven jaar geleden als eerste neer op het bedrijventerrein Oudeland van de gemeente Lansingerland. De Helmhoek, een bedrijfspand dat een eyecatcher genoemd mag worden, werd de uitvalsbasis voor de activiteiten die vooral in de Randstad geconcentreerd zijn.

"Het huidige economische tij houdt niet over," weet ook grondlegger Kees van der Helm (62), die samen met zijn zoon Gijs (28) een inkijkje geeft in het bedrijf. "Maar toen ik in 1979 in het agrarisch loonbedrijf ben begonnen was het niet veel anders." Het mindere economische klimaat leek de ondernemer in Kees van der Helm, die levens-middelentechnologie (!) studeerde, naar boven te halen. "In het loonwerk kwam je wel eens klussen tegen, die je er dan even bij probeerde te doen. En zo breidde je het dienstenpakket steeds een beetje uit. Maar het was mij al snel duidelijk geworden dat milieu het item van de toekomst zou worden. Het was ook de tijd van de grote grondschandalen. Denk aan Lekkerkerk. Er is vervolgens ook bewust voor gekozen om de bedrijfsvoering andere accenten te geven."

Aanvankelijk was VanderHelm gevestigd in de hoek Rijs-wijk/Nootdorp/Delft. In 1981 werd er verhuisd naar een onderkomen in Pijnacker. Door de groei van het bedrijf werd binnen Pijnacker in 1986 al weer verhuisd naar een voormalig tuinbouwbedrijf alvorens in 2007 de Helm-hoek werd betrokken. "Met deze locatie zijn we enorm

tevreden," verzekert Kees van der Helm. "Om te begin-nen met het pand. Het voelt na zeven jaar nog steeds alsof het gisteren is opgeleverd. Het lijkt een tijdloos ont-werp. Maar daarnaast zitten we hier op bedrijventerrein Oudeland natuur-lijk precies in het gebied waarin het allemaal gebeurt. In deze regio heb-ben we de meeste klussen. Dat wil niet zeggen dat we niet verder kij-ken. Als algemeen directeur ben ik in de positie om wat afstand te nemen van de praktijk van alle dag. En er is binnen het bedrijf toch ook iemand nodig om af en toe wat geks te roepen," grapt senior. "Vanuit mijn rol ben ik nu bijvoorbeeld bezig met een netwerkreis richting Po-len, om daar samen met andere bedrijven de mogelijk-heden te bekijken."

Familiebedrijven gaan niet voor het gewin op korte termijn

Kees en Gijs van der Helm

Ecologische begeleiding dempen watergang

Door Michel van Straten

Page 9: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

9

OPSIGVooralsnog is VanderHelm (met 90 werknemers) het meest actief in het westen van Nederland volgens de bedrijfsfilosofie: ontzorgen, persoonlijk, samenwerken, innovatief en gedreven, samengevat als OPSIG. "En dat kunnen we ook waarmaken," verzekert projectleider Gijs van der Helm, die een HBO-studie MER (management, economie en recht) afrondde. "We bieden de klant een totaalpakket aan. Of het nu om onderzoek, advies of re-alisatie gaat: alles op het gebied van milieu, civiel/infra en ecologie hebben we in huis. Per saldo denk ik dat een klant met ons een stuk voordeliger uit kan komen en dat we de klant ook daadwerkelijk ontzorgen. We kunnen heel veel zaken terloops meenemen. Het scheelt heel veel overleg." Kees van der Helm vult aan: "We zijn ook gewend om uitgaand van een bepaald budget en een programma van eisen klussen risicodragend uit te voeren. Het dwingt ons om zo scherp mogelijk aan de slag te gaan en de klant weet steeds dat hij bij ons aan kan kloppen, mocht er iets niet naar behoren uitgevoerd zijn."

Verandering VanderHelm heeft in de achterliggende jaren de markt wel zien veranderen. "Het tijdperk van de ontwikkeling van de VINEX-wijken ligt achter ons," stelt Kees van der Helm. "Dat was de periode van meters maken, zeg maar van gooi- en smijtwerk. Nu gaat het meer en meer om kleinschalige projecten. Denk aan gesaneerde terreinen in de binnensteden en de herontwikkeling van naoor-logse woonwijken. Op dat gebied hebben we al tal van werkzaamheden verricht en voorzie ik ook in de toe-komst werk. Ook bij stadsontwikkeling is het milieubesef gegroeid: zorgvuldig omgaan met de grond en de kwali-teit daarvan. En stuiten we bij onze werkzaamheden op

verontreinigde grond, dan weten we de weg naar ATM in Moerdijk te vinden."

Ondanks de eerder genoemde economische tegenwind is er bij VanderHelm geen reden tot klagen. "We heb-ben ook ten tijde van de crisis onze omzet vast weten te houden, ja zelfs een kleine stijging kunnen zien," verhaalt Kees van der Helm met trots. Een verklaring? "Ik geloof in de kracht van het familiebedrijf. Familiebedrijven gaan niet voor het gewin op korte termijn. Wij werken niet voor aandeelhouders die zo snel mogelijk rendement willen zien. Als familiebedrijf gaan we zuinig met kapitaal en, niet onbelangrijk, met onze mensen om. Er wordt veel meer aan de langere termijn gedacht. En dat lijkt zich uit te betalen." Gijs vult aan: "Het gaat niet om meer, meer. Wanneer ik op vrijdagmiddag de mensen met te-vredenheid in de kantine zie zitten, dan vind ik dat veel belangrijker. Het doet je ook goed dat ze er trots op zijn bij VanderHelm te werken."

VakmensenVanderHelm mag met recht een familiebedrijf genoemd worden. Niet alleen vader Kees en zoon Gijs zijn in het bedrijf werkzaam. Ook zoon Joost (26), gespecialiseerd in bodem-, fundatie- en asfaltonderzoek, heeft er zijn rol. Bovendien is Marja, de vrouw van Kees, ook nog een tweetal dagen in de Helmhoek actief. Dochter Fieke loopt momenteel stage bij Dura Vermeer en de kans is natuurlijk heel groot dat zij straks ook binnen het bedrijf aan de slag gaat.

9

Rioleringswerkzaamheden nieuwe woonwijk

Bodemonderzoek

Toch besluit Kees van der Helm met een wat zorge-lijke kanttekening. "Ik maak me voor de nabije toe-komst echt zorgen over het schrijnende tekort aan vakmensen. Ik denk vooral aan de buitenjongens. Hoe kom je straks nog aan een goede kraanmachi-nist? Iedereen wil maar zo snel mogelijk achter een bureau met een computer zitten. We gaan straks de mensen met praktische kennis en ervaring echt missen. In die zin pleit ik ervoor dat iedereen, welke opleiding je ook volgt, eerst minstens een jaar of vijf in de praktijk werkzaam is."

Page 10: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

10 ATMOSFEER februari 2015

Sinds de start in 1953 is Reym B.V. uitgegroeid tot een landelijk opererende dienstverlener op het gebied van industriële reiniging, transport en afvalmanagement. Bij Reym werken ca. 600 medewerkers, die hun professi-onele talenten inzetten om opdrachtgevers van dienst te zijn met de beste en meest efficiënte diensten en technologieën. Door de gezamenlijke deskundigheid van alle ondernemingen binnen de moederorganisa-tie Shanks Group, biedt Reym haar klanten één aan-spreekpunt voor alle afval gerelateerde activiteiten. Op basis hiervan verlaagt Reym de kosten voor alle ac-tiviteiten op het gebied van afvalstoffen en reiniging. Reym heeft naast het hoofkantoor in Amersfoort meer-dere multiservice vestigingen en operationele depen-dances.

Mensen en materieel van Reym staan zeven dagen per week en 24 uur per dag klaar om aan alle behoeften op het gebied van afval en reiniging te voldoen. Ze zijn gedreven, vakbekwame en vindingrijke mensen. Men-sen die op basis van een open en langdurige relatie met hun klanten, altijd de best passende, zo milieu neutraal mogelijke, oplossing weten te realiseren voor vraagstukken op het gebied van industriële reiniging, transport en afvalmanagement.

Wat kan Reym voor u betekenen?Reym is gespecialiseerd in industrieel reinigen waarbij het materieel en de reinigingstechnieken die gebruikt worden de meest moderne zijn. Zowel onshore, off-shore als onder de grond (zoals bijvoorbeeld riool-reiniging) heeft Reym de benodigde ervaring om op-drachtgevers adequaat van dienst te kunnen zijn met reiniging, transport, behandeling, recycling en afvalma-nagement.

Reym, het zusterbedrijf dat nooit stil zit

Binnen de Shanks Group vormt ATM, samen met zusterbedrijf Reym, de divisie Hazardous Waste, maar hoe goed kent u Reym? Wist u bijvoorbeeld dat het bedrijf vele nieuwe services aanbiedt? In deze ATMosfeer een (her-nieuwde) kennismaking met dé specialist in industriële reiniging.

Door Henk Strijbos

Page 11: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

11

Het dienstenaanbod

• Hogedrukwaterstraal techniek • Vacuüm- en vacupresstechnieken • Rioolreiniging, camera-inspecties en rioolherstel • Chemisch technisch reinigen • Tanksanering • Grondsanering • Waterzuiveringsinstallatie • Staalsnijden • Droogijsstralen • Saneren en opruwen beton • Gaswassen • Kwik verwijderen • LSA verwijderen • Offshore activiteiten • Diving- en marine services • Transport van vaste en vloeibare reststoffen • Mudplant • Afvalbewerkingsinstallaties • Verhuur van mobiele opslag

Altijd oog voor kwaliteit, veiligheid en milieuHet beleid van Reym is gericht op continuïteit in dienst-verlening waarbij veiligheid, milieu en kwaliteit absolute voorwaarden zijn. Reym streeft naar optimale arbeids-omstandigheden voor zowel haar medewerkers als ingehuurde derden. De omgeving stelt, mede door snelle veranderingen op het gebied van informatie- en communicatietechnologie, steeds hogere eisen aan werknemers. Medewerkers van Reym worden inten-sief voorgelicht, opgeleid en begeleid om de dienstver-lening op een veilige wijze gestalte te geven. Ook de ontwikkeling van veiligere werkmethoden en veilig ma-terieel is een continu aandachtspunt. Reym heeft een FPAL-registratie en onderhoudt een ge-certificeerd beheersy-steem conform VCA Petrochemie, ISO 9001, ISO 14001, OHSAS 18001, SBC IR 007 en KIWA.

De Stichting Indu-striële Reiniging (SIR) heeft tot doel het be-vorderen en regule-ren van veilig werken in de industriële reini-ging. De stichting zet zich onder andere in voor de ontwikkeling van nieuwe technolo-

gieën en richtlijnen op dit gebied. Reym heeft de veilig-heid van haar medewerkers hoog in het vaandel staan en participeert daarom dan ook actief in de SIR.

Om het milieu zo weinig mogelijk te schaden, heeft Reym een milieubeleid waarin is opgenomen dat ten eerste de dienstverlening minimaal voldoet aan alle ge-stelde wet- en regelgeving. Verder zorgen wij op alle mogelijke manieren dat onze werkzaamheden een zo klein mogelijke invloed op het milieu hebben. Dit trach-ten wij te realiseren door onze medewerkers voortdu-rend milieubewuster te maken en onze wagens uit te rusten met gaswassers en speciale motoren die zor-gen voor een verminderde CO2 -uitstoot.

Nieuwe ServicesVeranderingen in de markt vragen om continue mee-bewegen, innoveren en het verder ontwikkelen van diensten. Reym heeft daarom een aantal spraakma-kende nieuwe services geïntroduceerd en is daarmee klaar voor de toekomst.

Reym-HMVTZo biedt Reym HMVT sinds maart Emission Control Solutions aan. Hiermee worden alle dampen gereinigd, die vrijkomen bij laden, lossen of onderhoud aan tanks.

11

Page 12: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

12 ATMOSFEER februari 2015

Met flexibele, mobiele zuiveringsinstallaties die tot wel 99% van de dampen zuiveren. Reym HMVT is ontstaan uit een joint venture van Reym en Hannover Milieu en Veiligheidstech-niek BV (HMVT). De twee werkten al langer samen.

www.hmvt.reym.nl

Specialist in de voedingsindustrieDe jarenlange kennis en ervaring die Reym heeft op-gebouwd in het ongestoord uitvoeren van reinigings-processen in industriële ondernemingen wordt nu door vertaald naar bedrijven in de voedingsindustrie. Stuk voor stuk bedrijven die afhankelijk zijn van smetteloze productieomstandigheden en hygiënisch materiaal. Ook in deze branche zorgt Reym ervoor dat de

machines en apparatuur volgens de laatste technieken worden ge-reinigd zonder de processen on-nodig te verstoren. Sterker nog: Reym is de eerste industriële rei-niger met een ISO 22000-certifi-cering.

Reym Technologie CentrumReym is sterk in het bedenken van slimme oplossingen voor haar klanten. Creativiteit en inno-vatiedrang zit 'in de genen'. Het Reym Technologie Centrum is een broedplaats voor innovatie. Het is een ontwikkel- , test- en trainings-centrum in één. De kennis en er-varing van Reym-deskundigen komen vanuit het hele land hier samen en leiden tot nieuwe me-thodes of concepten.

Shanks Total CareHet zal niemand ontgaan zijn dat Reym samen met ATM de nieuwe totaaloplossing Shanks Total Care lanceerde. Door onze samenwer-

king kunnen wij klanten reiniging, transport en afvalma-nagement uit handen nemen. Plus alle administratieve handelingen. Een klant krijgt één factuur en heeft één aanspreekpunt. Simpel, duidelijk en effectief. Het Total Care concept wordt inmiddels door een toenemend aantal klanten gebruikt.

www.shankstotalcare.nl

Page 13: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

13

Total Care CentreOp 16 juli werd de eerste paal geslagen voor een nieu-we vestiging aan de Theemsweg in Rotterdam. Met o.a. een afvalbewerkingsinstallatie (ABI) en een spuit-plaats kan Reym hier meer klanten nog beter bedie-nen. Het kantoor opent in januari, het operatio-nele gedeelte volgt medio 2015. Deze allereerste Total Care vestiging staat symbool voor het nieuwe Reym. Boordevol plannen en klaar voor de toekomst. Voor meer informatie over het Total Care Centre, het volgen van de bouw of de laatste foto's, kijk op www.totalcarecentre.reym.nl

Meer weten? Op www.reym.nl vindt u alles over Reym.

@ReymGroep

Reym B.V.

ReymGroep

13

Crawler, ontwikkeld in het Technologie Centrum

Page 14: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

14 ATMOSFEER februari 2015

Jaarverslag 2013 – 2014 Maatschappelijk verantwoord ondernemen Duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen worden vaak in één adem genoemd, maar wij zien duurzaamheid slechts als een onderdeel van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Maatschappelijk verantwoord ondernemen is voor ons niet enkel het verduurzamen van onze bestaande bedrijfsactiviteiten. Wij beschouwen het als een complete vorm van ondernemen. We zijn niet enkel economisch gedreven, maar vooral ook gedreven om waarde te creëren voor onze mensen, het milieu en de maatschappij. Vandaar ook de naamsverandering van ons jaarverslag: vorig jaar nog Duurzaamheidsverslag en nu Jaarverslag Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.

We hoeven u dan ook niet uit te leggen dat de nadruk in het nieuwe jaarverslag ligt op onze bijdrage aan mens, milieu en maatschappij. Onze operationele, financiële en commerciële prestaties van het afgelopen boekjaar komen vanzelfsprekend ook aan bod. Op deze twee pagina’s vindt u een greep uit onze prestaties, maar het volledige verslag is te raadplegen via onze website www.atmmoerdijk.nl. Mocht uw interesse uitgaan naar een papieren exemplaar, dan kunt u dit tevens aanvragen via onze website.

Klantwaardering gemiddeld een 8,4.

Voor 15,6 miljoen euro lokaal ingekocht.

202 194,4 184,5

46 44 50

5,2 4,4 5,8

5,4 4,8 5,9

Page 15: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

Met gepaste trots presenteren we u ons nieuwe jaarverslag, maar we streven altijd naar beter. Mocht u daarom suggesties hebben of onderwerpen missen, schroom dan niet om dit te mailen naar [email protected]. Wij schrijven dit verslag immers mede voor u. Zorg voor onze mensen, het milieu en de maatschappij is dan ook de rode draad van het jaarverslag. Meer dan alleen duurzaam…

453.000 analyses door ons laboratorium uitgevoerd.

36 lokale verenigingen en stichtingen gesteund.

81% van het totale energieverbruik wordtingevuld door recycling.

15

Page 16: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

16 ATMOSFEER februari 2015

Nieuwe omgevingswet in de praktijkMinister Melanie Schultz ging me voor als bezoe-ker van de melkveehouderij van Bert en Jolanda Zandman in Beerze Overijssel. Een bijzondere stal dus, dat kan niet anders.Melanie Schultz was natuurlijk niet zomaar in Ommen, de gemeente waar Beerze deel van uit maakt. Zij was op het moment van haar bezoek bezig met de "Omgevingswet". Hierin moeten zestig wetten op het gebied van ruimtelijke orde-ning, milieu, landbouw, mijnbouw, water, wonen, werken en recreatie samenkomen. Met deze wet wil het kabinet het omgevingsrecht makkelijker maken. Veel gemeenten vinden de regels voor ruimtelijke plannen nu ingewikkeld en onduidelijk. Door regels te vereenvoudigen en samen te voe-gen is het straks makkelijker om bouwprojecten te starten. Het doel is vooral dat mensen sneller duidelijkheid hebben of iets wel of niet kan. Op 17 juni 2014 is het wetsvoorstel voor de Omge-vingswet aan de Tweede Kamer aangeboden. Dat betekent dat de wet nog niet van kracht is, maar de gemeente Ommen is er lokaal al wel mee be-zig. Voor de minister een kans haar theorie aan de praktijk te toetsen. Ze nam graag kennis van het Gemeentelijk Omgevingsplan (GOP). Door: Adriënne Nijssen

IntegraalBeerze is een beschermd dorpsgezicht en jarenlang zat de melkveetak 'op slot' doordat niet mocht worden uitgebreid. Geurcirkels, ammoniakplafonds en landschappelijke beperkin-gen stonden de ontwikkeling van het melkveebedrijf in de weg. "We liepen tegen zoveel wetten, regels en procedures

aan dat we niet dachten dat de nieuwe stal er ooit wel zou komen," zegt Bert. Maar hij is erg vasthoudend en volhardend. "Men dacht vroeger altijd in hokjes, in sec-toren. Wat zijn de regels op welk gebied. Hier in Om-men hebben we een omslag kunnen maken van sec-toraal denken naar integraal denken. Nu we het GOP hebben, wordt gekeken wat men met een bepaald gebied wil en welke zaken daarbij gecombineerd kun-

nen worden. Door het GOP gaven ze me de ruimte om plannen te ontwikkelen. Alle belanghebbenden zaten aan tafel om samen te bepalen wat belangrijk is en wat moet kunnen. Niet alles kan, dat blijft duidelijk. Maar ambtenaren hier gaan meedenken om te kijken wat er mogelijk is en niet om te kijken wat de regels toestaan. Zo moest het uiterlijk van de nieuwe stal wel passen bij het beschermde dorpsgezicht," vertelt Bert.Na negen jaar verrees dan toch in 2013 een prachtige nieuwe stal voor 260 koeien en 80 stuks jongvee. Emis-siearm gebouwd en fraai ingepast in het landschap. Een proefstal waarvan er nog maar vier in Nederland zijn. Uit het hele land, maar ook uit buurland Duitsland, ont-vangen Bert en Jolanda mensen die ze bedrijfs-matig te woord staan.

MestrobotAl in 2007 werd het 'Besluit ammoniakemissie huis-vesting veehouderij', kortweg het 'Besluit Huisvesting' genoemd van kracht. De uitstoot van ammoniak, stank en fijnstof moest worden teruggedrongen door middel van emissiearme stallen. Het terugdringen van de emis-sie uit stallen vormt een onderdeel van de Europese NEC-richtlijn. Het ammoniakplafond voor Nederland is maximaal 128 kiloton. Ik kan me daar geen voorstelling van maken maar Bert begrijpt dat het minder moest en dat deze wetgeving naast het GOP ook moest worden toegepast. Voor een melkveebedrijf houdt het besluit in dat er een grupstal met drijfmest moet zijn, dat de loopstal een hellende vloer moet hebben en een gier-goot en spoelsysteem. Een roostervloer met spoelsy-steem of een loopstal met sleufvloer en mestschuif zijn eveneens toegestaan."Wij hebben gekozen voor een roostervloer waardoor de nieuwe stal een lage emissie heeft. Binnen het am-moniakplafond kan op deze manier nog flink worden uitgebreid," vertelt Bert. Als hij ziet dat ik het niet he-lemaal begrijp vertelt hij verder. "Tussen de kunststof elementen zitten flappen," zegt Bert terwijl hij op de vloer wijst. "De mest die de koeien produceren wordt door een mestrobot tussen de elementen geduwd,

Page 17: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

17

waarna het tus-sen de flappen door in een put valt. Uiteinde-lijk wordt de mest met een speciale pomp uit de put ge-zogen. Prettige

bijkomstigheid, op die manier houden we de stal ook direct een stuk schoner."

SchoonOveral in de stal draaien schoonmaakborstels om de koeien zelf schoon te houden. De technologie gaat nog een stukje verder. Elke koe is gechipt. Zo kan automa-tisch worden bepaald hoeveel elk kalf mag drinken en of een die koe gemolken wil worden daar ook daad-werkelijk aan toe is. "En komt een koe in haar vrucht-bare periode dan krijg ik een sms-je," vertelt Bert. "De koe loopt dan meer en sneller en ook dat wordt gere-gistreerd."Volgens het GOP moest het bedrijf ook een meerwaar-de voor recreanten hebben en ook dat is gelukt. Om mensen een beter beeld van een modern melkveebe-drijf te geven wordt wekelijks een rondleiding gegeven. 's Zomers, als de omliggende campings nagenoeg vol zijn, soms wel twee. Na afloop van de rondleiding mo-gen de bezoekers zelf boter maken, al dan niet met kruiden. Verser dan vers wordt de boter vervolgens op een lekker toastje opgepeuzeld."De omgeving is heel blij met ons bedrijf," vertelt Bert. Maar zelf straalt hij niet minder. "Een actief melkvee-bedrijf heeft meerwaarde voor recreanten. Ze zien het liefst een koe met de kop in de voortent," lacht hij.Bert en Jolanda hebben gekozen voor efficiëntie, duur-zaamheid, innovatie en koe-comfort. "Vooral dat laat-ste is een belangrijk aspect. Bij het ontwikkelen van de plannen zijn we in eerste instantie uitgegaan van het welzijn van de koe. Dat we hier gelukkige koeien hebben is voor ons dan ook het belangrijkste. Daarom zorgen wij er ook voor dat de melkkoeien ieder mo-

ment van de dag naar buiten kunnen als ze dat willen," zeggen ze.In de stal is op grote hoogte een loopbrug. Trots lopen Bert en Jolanda er met mij heen. Vanaf hier kun je de hele stal overzien. Het uitzicht heeft meer weg van een kleine fabriek dan van de ouderwetse boerderijen uit films en series."Er zijn mensen die denken dat we de koeien nog steeds met de hand melken," lacht Bert. "Dat romanti-sche is allemaal leuk en aardig, maar wij zijn een bedrijf. Je moet wel winst maken, we leven hier immers van."

WinkelOm het recreanten nog meer naar de zin te maken is er sinds een jaar ook een boerderijwinkel die vijf da-gen per week open is. "Voornamelijk mijn pakkie an," zegt Jolanda. Maar op zaterdagochtend is het soms zo druk dat Bert ook in de winkel staat. Beerze is niet zo groot maar Bert en Jolanda verkopen kaas die niet in de supermarkt ligt. "Daar komen mensen van heinde en verre speciaal voor naar ons. En we verkopen niet alleen kaas, we vertellen ook het verhaal erachter," zegt Jolanda.Het is niet zo moeilijk te raden dat ik na dit inspirerende bezoek met een heerlijke kaas op weg naar huis ging. Ik koos voor Vlaskaas. Een kaas waarvan de recep-tuur van oudsher uit de Vlasstreek in West Vlaanderen komt. De naam verwijst naar de regio van herkomst waar de kaas werd gegeten tijdens de oogstfeesten van het vlas.Hoewel dit artikel geen overeenkomst heeft met onze activiteiten willen we toch laten zien, dat ook in een geheel andere branche dan de onze, er ook pakketten aan vergunningen nodig zijn om je bedrijfsvoering te veranderen of uit te breiden. Het is alleen aan vast-houdende en volhardende bedrijven en mensen, zoals Bert en Jolanda, gegeven een dergelijk project te rea-liseren.

Ook een bezoekje brengen aan melkveehouderij Zandman aan de Marsdijk 4 in Beerze.

Bel 06-15178212 en Bert legt je graag uit op welke dag(en) en tijd je welkom bent.

17

De koeien maken zelf uit of ze binnen of buiten willen zijn.

Page 18: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

18 ATMOSFEER februari 2015

Implementatie van BRZO

We ontvangen een grote diversiteit aan afvalstof-fen die we voorafgaande de verwerking tijdelijk opslaan. We zien daarom een nadrukkelijke ver-antwoordelijkheid om aan alle geldende eisen te voldoen voor het opslaan van deze afvalstof-fen. Momenteel zitten we tegen de zogenaamde BRZO-drempel aan voor de hoeveelheid gevaar-lijke en brandbare stoffen die conform de vige-rende vergunning op ons terrein mogen worden opgeslagen. We hebben daarom besloten om vrijwillig onder de lichte categorie van het BRZO (PBZO) te gaan vallen. De doelstelling is om in 2015 de vergunningsaanvraag in te dienen.

Het afgelopen jaar zijn intern diverse voorbereidings-trajecten ingezet. Onder andere het opstellen van do-cumenten noodzakelijk voor de overheid, zoals een milieu risicoanalyse (MRA), kwantitatieve risicoanalyse (QRA), een Incidentenbeheersingsplan (IBP) en uiter-aard de vergunningsaanvraag zelf. Intern is vastlegging omtrent BRZO ook erg van belang. Leidraad hierbij is het Veiligheidsbeheerssyteem (VBS). In onderstaande figuur is de samenhang tussen de samenwerkende partijen en de Europese, nationale en flankerende wet- en regelgeving weergegeven.

We gaan onszelf meer verplichtingen opleggen

Wat is BRZO?Het huidige Besluit Risico's Zware Ongevallen 1999 (BRZO) is de Nederlandse implementatie van de Europese Seveso II-richtlijn. Deze Europe-se Seveso-richtlijn heeft als doel om zware onge-vallen met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen te voorkomen en gevolgen voor mens en milieu te beperken. Met de BRZO wordt wet- en regelge-ving op het gebied van arbeidsveiligheid, externe veiligheid en rampbestrijding voor de meest risi-covolle bedrijven in Nederland ondergebracht in één juridisch kader. Inmiddels is Seveso III gereed en zal 1 juni 2015 van kracht worden.

Wanneer BRZO?Afhankelijk van de aanwezige hoeveelheid ge-vaarlijke stoffen die bedrijven mogen hebben, wordt op basis van drempelwaarden bepaald of zij onder BRZO vallen. Het BRZO onderscheidt hierin twee categorieën bedrijven: • De lichte categorie, de zogenaamde PBZO-

bedrijven, waarbij bedrijven een Preven-tiebeleid Zware Ongevallen (PBZO) en een Veiligheid Beheer Systeem (VBS) moeten hebben;

• De zware categorie, de zogenaamde VR-plichtige bedrijven, waarbij bedrijven meer verplichtingen hebben zoals het opstellen van een Veiligheidsrapportage (VR).

Vergunningverlening en toezichtVergunningverlening aan en toezicht op BRZO-bedrijven wordt uitgevoerd door de overheid, belast met de zorg voor het milieu, de arbeids-veiligheid en rampbestrijding. Daarnaast moeten overheden de ruimtelijke ordening in de omgeving van BRZO-bedrijven zo inrichten dat de risico's aanvaardbaar blijven én burgers informeren over de risicosituatie.

"Dat we op termijn een BRZO-bedrijf

zijn, wil echter niet zeggen dat we

gevaarlijker worden. Integendeel,

we leggen onszelf enkel meer

verplichtingen op."

Page 19: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

Hoi-Yee Man, senior consultant Externe en Integrale Veiligheid bij Royal Haskoning DHV, ondersteunt ATM in het BRZO-traject. Dit doet zij samen met een team van collega-vakspecialisten. "Voor het BRZO moet ATM onder andere haar risico's kennen en door het opstellen van Bow-ties maken we dit samen inzichte-lijk. ATM heeft eigenlijk al een goed beeld van haar risi-co's en komt zelf ook met veel suggesties om de aan-wezige risico's te verkleinen. Ik ervaar ze dan ook als volwaardige sparringpartner in dit traject. Daarbij zie ik het bedrijf in positieve zin veranderen. Onze inspannin-gen eindigen normaliter bij het opleveren van een ad-viesrapport, maar door mijn wekelijkse aanwezigheid zie ik ook de daadwerkelijke implementatie van onze adviezen. Inmiddels weet ik dat ik bij ATM niet moet aankomen met complexe rapporten, maar met heldere en praktische oplossingen. Als ATM mijn adviezen niet praktisch vindt, krijg ik dat ook van ze terug en gaan we samen zoeken naar een passende oplossing bin-nen de organisatie. Ik word hierdoor uitgedaagd en dat maakt deze klus juist zo leuk. Ook al ben ik maar een dag in de week bij ATM, ik voel me een ATM-er. Mede-werkers zijn erg sociaal en dat waardeer ik."

Marcel Klauwer, Manager Veiligheid a.i. bij ATM, richt zich in dit traject vooral op de implementatie van het Veiligheidsbeheerssyteem (VBS) en het voorlichten van collega's. Daarnaast wil Marcel vooral ook een laagdrempelige vraagbaak zijn voor veiligheid. "Ruim tien jaar heb ik gewerkt als productie- of plantmana-ger bij diverse multinationals. Vijf jaar geleden ben ik me vooral gaan richten op veiligheid en milieu met als speerpunt BRZO. De combinatie met mijn eerdere werkervaring is heel waardevol. Inmiddels heb ik al de nodige ervaring opgedaan om BRZO binnen organisa-ties en de dagelijkse bedrijfsvoering te implementeren. Én te borgen. BRZO gaat niet enkel de afdeling Com-pliance aan, maar is een complete manier van werken en denken voor het hele bedrijf. We stellen samen een VBS op, maar vervolgens moet deze natuurlijk ook worden onderhouden en actueel blijven. ATM biedt met haar afvalverwerking een unieke dienstverlening aan. Een dienstverlening die alleen maar intensiever en complexer zal worden door wet- en regelgeving in Ne-derland. Ik ervaar ATM als dynamisch en praktisch. Er staan ambitieuze projecten op stapel in een praktische omgeving, dit is wat mij betreft het leukst werken. Pro-jecten waarbij menig discipline betrokken is."

19

Hoi-Yee Man, senior consultant Externe en Integrale Veiligheid bij Royal Haskoning DHV, ondersteunt bij de voorbereidingen op het BRZO

Marcel Klauwer, Manager Veiligheid a.i. bij ATM

Page 20: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

20 ATMOSFEER februari 2015

ATM vormgegeven

De voornaamste afvalstromen die we verwerken, zijn verontreinigde grond, verpakt chemisch af-val, oliehoudend slib en afvalwater. Voor de ver-werking van deze afvalstromen beschikken we over een thermische reinigingsinstallatie, pyro-lyse-installatie, slibverwerkingsinstallatie en wa-terzuiveringsinstallatie. Naast het verwerken van gevaarlijk afval ontvangen we aan onze steiger ook tankschepen om deze vervolgens te reinigen en of te ontgassen in onze scheepsreiniging- en ontgassingsinstallatie. Al deze installaties zijn met elkaar verbonden wat de verwerking van gevaarlijk afval een fysiek en energetisch geïnte-greerd proces maakt…

(Volgt u ons nog?) We nemen u heel graag mee in het verhaal van ATM, maar kunnen ons voorstellen dat het voor u één tech-nische brei wordt. Daarom hebben we getracht om onze complexe bedrijfsprocessen te converteren naar Jip-en-Janneketaal en vervolgens aantrekkelijk vorm te geven.

Productlogo'sAllereerst hebben we iedere afvalstroom een eigen kleur en logo gegeven. Dit om de herkenbaarheid te vergroten en het verband in het geheel beter te duiden. Immers is onze Sales-organisatie ook per afvalstroom ingericht. Hiernaast zijn onze pro-cessen schematisch vormgege-ven inclusief de productlogo's.

BedrijfsfilmHet schema is vervolgens de rode draad voor onze bedrijfsfilm geweest, die we inmiddels heb-ben gerealiseerd. In een notendop passeren de betreffende afvalstro-men, de herkomst en de acceptatie van het afval en alle verwerkingsinstal-laties de revue. Vormgegeven in beeld, geluid én animatie. Gezien de aandachts-curve is een film van maximaal 5 minuten aan te raden. Echter hebben we bewust gekozen voor

een film van circa 10 minuten om u van begin tot eind mee te kunnen nemen in het verhaal van ATM.

WebsiteHet zal u niet zijn ontgaan dat onze voormalige website was verouderd. Hoog tijd voor een refreshing. Achter de schermen hebben we maandenlang intensief ge-sleuteld en onlangs onze nieuwe website gelanceerd. Het resultaat is een website met een nieuwe structuur, nieuwe vormgeving, nieuwe content en nieuwe foto's.

Onze bedrijfsfilm is te bekijken op onze

website en YouTube-kanaal. Tevens vindt u hier meerdere ATM-

video's.

Page 21: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

21

Een website die laat zien wat we doen, die past bij de organisatie zoals we nu zijn en hopelijk beter aansluit op uw informatiebehoeften.

ToekomstWe zijn nu live, maar achter de schermen bouwen we verder. Zo blijft onze website actueel en voor u interes-sant om vaker te bezoeken. Momenteel werken we bij-voorbeeld aan de vertaling om ook te voldoen aan de informatiebehoeften van onze internationale relaties. Tevens starten we binnenkort met het versturen van onze nieuwsalerts. Aanmelden kan via www.atmmoer-dijk.nl/web/nieuwsalert.htm Feiten & cijfersOp onze website hebben we inmiddels al ruim 10.000 bezoekers mogen verwelkomen met een gemiddelde verblijftijd van 2:41 minuten. Gezamenlijk hebben deze bezoekers circa 33.000 pagina's bekeken.

21

iPadactie verlopen… Inmiddels is de actieperiode van onze iPadactie verstreken en zijn de winnaars bekend!

Ter ere van onze nieuwe website kon u middels deelname aan de quiz kans maken op één van de vijf iPads. De afgelopen periode hebben we hon-derden deelnames mogen ontvangen met een grote diversiteit aan antwoorden op de quizvra-gen. Voor de oplettende bezoeker: de antwoor-den op de quizvragen vond u terug op...onze website.

En de winnaars zijn… Uit de trekking van de correcte deelnames zijn vijf winnaars gekomen. Wij feliciteren: Dirk Cornelis-se, Luut Veenje, Wobbe van der Meulen, Jo-Anne Gelderman en Mieke van der Horst! Twee van de vijf winnaars hebben de iPad vervolgens aan een goed doel geschonken. Wij wensen jullie via deze weg veel plezier toe. Daarbij bedanken wij ieder-een voor hun deelname aan de iPadactie.

Mocht u tips of suggesties hebben om de website en

bedrijfsfilm te optimaliseren, laat het ons dan vooral weten. U kunt hiervoor

mailen naar: sanne.wagemakers@

atmmoerdijk.nl.

Page 22: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

22 ATMOSFEER februari 2015

Rookgassen nog schoner

Een dominant beeld van ATM is een grote, witte stoompluim uit de schoorsteen. Die witte pluim is juist een teken dat alle vervuilingen uit de rook-gassen zijn gehaald voordat deze worden uitge-stoten. Vanzelfsprekend hebben we te maken met strenge milieueisen, ook voor onze emissies. We beschikken daarom over een rookgasreini-gingsinstallatie die lage emissies garandeert. Een cruciaal onderdeel van dit proces is het elek-trostatisch filter (ESP), die we onlangs hebben vernieuwd.

Nieuw elektrostatisch filterHet oude ESP was versleten na tien jaar dienst en niet meer in staat om het stof optimaal uit het rookgas af

te vangen. Daarbij was een vergroting van de capaciteit gewenst. In het voorjaar van 2013 zijn we daarom be-gonnen met het ont-werp van het nieuw te bouwen ESP. In

maart 2014 zijn we vervolgens van start gegaan met het grondwerk en de fundatie. Inmiddels is het nieuwe ESP vanaf september 2014 operationeel. De grootste uitda-ging van dit project was het vinden van de juiste locatie. Een nieuwe ESP op de plek van het oude ESP was niet haalbaar omdat deze veel groter moest worden. Elders in de rookgasreinigingstallatie was ook weinig ruimte be-schikbaar. Bovendien moesten we rekening houden met de schuinte van de kanalen die het gas van- en naar het ESP leiden. Die kanalen moeten namelijk erg schuin lo-pen om afzetting van vuil te voorkomen, maar dat maakt het ESP al gauw erg hoog. Eigenlijk is het bouwen van een dergelijk formaat ESP alleen al een uitdaging. Het is dan ook zeer ongebruikelijk dat een afvalverwerker het ontwerp en de realisatie geheel in eigen huis uitvoert.

ESP in cijfersHet nieuwe filter is qua formaat 2 keer zo groot en ontworpen om een rook-gasstroom van 150 m3 gas per

seconde te kunnen reinigen. Het oude filter was indertijd ontworpen voor maximaal 100 m3 gas per seconde. Het filter vangt per uur ongeveer 1 vrachtwagen vol stof af. De staalconstructie om het filter te dragen bevat circa 600.000 kg stalen balken. In het filter is een oppervlakte van meer dan een voetbalveld aan roestvrij stalen plaat verwerkt. De kosten voor de realisatie van het filter heb-ben ongeveer 7 miljoen euro bedragen.

Per uur vangen we een vrachtwagen aan stof af

ESP the movieDe bouw van het nieu-we ESP hebben we van begin tot eind gefilmd. Zie onze website of ons YouTube-kanaal voor

een compilatiefilm.

3D-aanzicht nieuw elektronisch filter (ESP) in de rookgasreinigingsinstallatie.

Nieuw ESP sinds september 2014 operationeel.

RookgasreinigingsinstallatieDe rookgassen die vrijkomen in het verwerkings-proces worden afgezogen en in een naverbrander volledig verbrand. Na de naverbrander worden de rookgassen met behulp van een luchtkoeler en waterkoeling gekoeld. Warmte uit de rookgas-sen wordt voor het grootste deel teruggewonnen met de luchtkoeler (LUVO). De teruggewonnen warmte wordt elders op het terrein weer gebruikt als stoom en warm water. Na de koeling van de rookgassen worden deze door een elektrosta-tische filter (ESP) geleid, waar het stof uit de rookgassen wordt verwijderd. Na het elektro-statische filter worden de rookgassen door een viertal wassers geleid, die tot doel hebben het verwijderen van zure componenten. Na het ge-hele wasproces gaan de rookgassen, voordat ze de schoorsteen in gaan, door een druppelvan-ger. Hierin worden de rookgassen ontdaan van het laatste stof en vocht. Uiteindelijk verlaten de gereinigde rookgassen gecontroleerd de schoor-steen. Onze opslagtanks en ontgassingsinstal-latie zijn tevens aangesloten op dit systeem en hebben dan ook geen directe emissie naar het milieu. Zie voor meer procesinformatie en anima-tie: www.atmmoerdijk.nl

Page 23: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

23

De kweekvijver

Naast een afvalverwerker zijn we dus ook een kweekvijver voor aankomende professionals zoals u in een eerdere editie van de ATMosfeer kon le-zen. Inmiddels hebben we weer nieuw jong talent in onze kweekvijver die we graag aan het woord laten.

De twintigjarige Geertjan de Jong studeert HBO Logis-tiek en Economie en volbrengt op dit moment zijn der-dejaars onderzoeksstage op de inkoopafdeling. "De ver-schillende bedrijfsprocessen die samenhangen met de inkoop en levering van goederen breng ik in kaart om vervolgens te kijken naar mogelijke verbeteringen. Het leukste aan ATM vind ik de informele sfeer, ondanks de professionaliteit van alle medewerkers," aldus Geertjan.

Freek van den Berg is bij ATM afgestudeerd op het ge-bied van Human Resources Management en heeft een scriptie geschreven over de duurzame inzetbaarheid van medewerkers. "Door de verhoogde AOW-leeftijd moeten medewerkers steeds langer doorwerken. Tijdens mijn stage heb ik onderzocht hoe ATM de arbeidsomstandig-heden nog verder kan verbeteren en de gezondheid van medewerkers kan bevorderen," benoemd Freek. Inmid-dels is Freek werkzaam op de afdeling P&O.

De leergierige Job Verhaak studeert Laboratoriumonder-wijs en volbrengt momenteel zijn vierdejaars stage in het laboratorium. "Tijdens mijn stage ben ik begonnen met analyse van de eindacceptaties en inmiddels analyseer ik ook de aanleveringen, dan wel de spoedmonsters. Ik vind het vooral leuk en leerzaam dat er op het laborato-rium veel verschillende monsters binnenkomen en een breed scala aan analysetechnieken wordt toegepast," vertelt Job.

Bas Nijssen heeft Werktuigbouwkunde gestudeerd en zich gespecialiseerd in het vakgebied Thermodynamica. Momenteel is hij Trainee om daarna als Chemisch Pro-cestechnoloog bij ATM aan de slag te gaan. "Tijdens mijn traineeship loop ik de ene week mee met de externe audits voor een hercertificering en de andere week zit ik in mijn overall bovenop een tank om pakkingen te ver-vangen. Ik grijp deze unieke leerkans dan ook met beide handen aan," aldus Bas.

Enthousiast geworden over de kweekvijver van ATM?Vraag naar de mogelijkheden of stuur je stagevoorstel naar [email protected] en wellicht is er een match.

Van links naar rechts: Bas Nijssen, Geertjan de Jong, Freek van den Berg en Job Verhaak.

Page 24: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

24 ATMOSFEER februari 2015

Van aanvraag tot aanlevering

Het verwerken van afval is onze core business, maar daar komt meer bij kijken dan dat men in eerste instantie zou vermoeden. Er moet op heel wat zaken gelet worden voordat een afvalstroom aangenomen kan en mag worden. De redactie ging er op uit om te ondervinden wat er allemaal gebeurt van aanvraag tot aanlevering.

AanvraagUiteraard wordt het eerste initiatief tot het indienen van een aanvraag door de klant genomen. Die neemt con-tact op met de afdeling sales. Er worden dan stan-daard een aantal vragen gesteld aangaande hoeveel-heid, vervuiling, manier van verpakken/transport, ADR classificatie, Euralcode, beschikbaarheid van data sheets, analyses, monsters of saneringsonderzoeken. Het veiligheidsaspect is een vast onderdeel, omdat dit belangrijk is voor de mensen die in een later stadium met het materiaal in aanraking kunnen komen bij bv. monstername.Daarna wordt er in het Goederen Informatie Systeem (GIS) een dossier aangemaakt waarin alle relevante informatie gebundeld wordt en er wordt tegelijkertijd een afvalstroomnummer gegenereerd. Dit dossier wordt voorgelegd aan de vooracceptatiecommissie (VAC). Deze commissie is gelieerd aan de Complian-ce afdeling en toetst de dossiers aan de criteria die in de vergunning van ATM vermeld staan. Tevens wordt de monsternamefrequentie en het benodigde analy-sepakket gekoppeld aan dit dossier. Het GIS is naar eigen ontwerp gebouwd en ook in gebruik bij zuster-bedrijven. Alle data betreffende elke afvalstroom staat bij elkaar. Naast de hierboven genoemde gegevens worden ook de analyses, gewicht en prijs via dit unieke systeem verwerkt."Klanten moeten eigenlijk het gevoel hebben dat wij als commissie niet bestaan," aldus acceptant Leon. Dat betekent dat we vaak snel moeten handelen, omdat het aanvragen van een afvalstroomnummer regelmatig sluitpost van een project lijkt te zijn. Soms staan wa-gens al geladen en wachten dan op ons signaal om te kunnen vertrekken. Bij calamiteiten is ook snelheid geboden, maar bovenal moeten we accuraat zijn.Inmiddels is Arno aangeschoven en wordt de geschie-denis van het accepteren van afval onder de loep ge-nomen. Hij doet dit werk al bijna 30 jaar: "Vroeger werd er drie keer per week vergaderd door een comité van

vijf personen, die elk afzonderlijk hun opmerkingen en handtekening moesten zetten onder een dossier. Een vrij omslachtige methode die dankzij het computer-tijdperk tot het verleden behoort. Nu doen we hoofd-zakelijk met z'n tweeën de acceptatie, al blijft het wel teamwerk. Lastige stromen worden door beiden be-oordeeld en geaccordeerd, terwijl er ook vaak overlegd wordt met elkaar omdat twee nu eenmaal meer weten dan een. Het komt ook voor dat voordat we ons fiat geven er in breder verband overlegd wordt, omdat bij-

voorbeeld partijen zo groot of bijzonder zijn dat inbreng van anderen gewenst is."

ScheepvaartScheepsreiniging is een aparte tak van sport binnen ATM en kent dan ook zijn eigen manier van accepte-ren. Hier wordt gewerkt met een geaccordeerde lijst van stoffen die zonder problemen verwerkt kunnen worden. Staat een stof niet op deze lijst, dan is analyse vooraf noodzakelijk om de nodige gegevens te verkrij-gen.

FilterPer jaar handelen we ruim 3000 dossiers af, waarvan het merendeel nieuwe dossiers betreft. Elk dossier vertegenwoordigt een unieke afvalstroom. Om deze beoordeling goed te kunnen doen is kennis van de vergunning alleen niet voldoende. Men moet kennis hebben van de verwerkingsprocessen die binnen ATM plaatsvinden, wat en hoeveel er in de diverse tanks is opgeslagen, terwijl de criteria voor de afzet ook paraat moeten zijn. Een flink stuk chemische kennis is onont-beerlijk. De VAC fungeert immers als filter voor wat er het terrein op komt.

Leon Kerstens, milieucoördinator en acceptant bij ATM

Page 25: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

25

"Deze filterfunctie neemt een steeds groter deel van onze tijd in beslag," zo geeft Leon aan. "Dit wordt mede ingegeven door het feit dat ATM met het Total Care programma klanten wil ontzorgen en we voor heel veel afvalstoffen een oplossing kunnen bieden, binnen of buiten ATM. Een andere reden is dat ons werkterrein steeds groter wordt in met name Europa. Men is niet overal gewend om met afval om te gaan zoals wij er in Nederland mee omgaan, wat tot veel vragen leidt. We krijgen niet alleen hele waslijsten met productna-men en chemicaliën voor ons neus. De meest uiteen-lopende vragen worden ons gesteld: grond reinigen van aaltjes of de Japanse duizendknoop, water met bananenpuree, slib met mosselen en algen, terwijl afval van de drugproductie tegenwoordig ook regelmatig op het menu staat."Het GIS is een onmisbare schakel in dit geheel. Op-merkingen en aanpassingen worden bijgehouden, zo-dat we altijd terug kunnen zien hoe, waarom en door wie iets aangepast is. Diverse triggerfuncties helpen ons bij de 'bewaking' van die honderden verschillende afvalstromen. Afvalstromen die lange tijd niet aange-leverd zijn worden automatisch door het GIS geblok-keerd omdat logischerwijs verwacht kan worden dat de afvalstroom veranderd is of niet meer bestaat. Bij aanmelding worden deze door de VAC opnieuw be-oordeeld, nadat de afdeling sales wederom navraag heeft gedaan over het afval.

Een andere controlefunctie is of er het juiste materi-aal wordt aangeleverd. Wordt er steeds slib gebracht, terwijl er een afvalstroomnummer voor afvalwater is aangevraagd, dan wordt daar contact over opgeno-men met de klant om uit te vinden wat er aan de hand is. Eventueel wordt er een nieuw afvalstroomnummer aangemaakt.

AanleverenAls alle benodigde informatie direct en correct aan-geleverd wordt, dan kan het traject van aanvraag tot acceptatie van het dossier vrij snel afgehandeld wor-den en kan men kort na de acceptatie aan gaan voe-ren. Zorgvuldigheid blijft voor de VAC het belangrijkste

punt, maar vaak is de klant zelf ook gebaat bij een vlot-te aanvang van zijn eigen werkzaamheden. Het vergt dus een goede samenwerking tussen sales/klant en sales/VAC/operations. Vaste klanten weten dit en dat leidt er toe dat het doorlopen van de acceptatieproce-dure steeds verder geperfectioneerd is.

ADR classificatieOnder de Wet Vervoer Gevaarlijke Stoffen hangt de internationale wetgeving van de ADR. Hierin worden stoffen ingedeeld in gevarenklassen en verpakkings-groepen voor vervoer over de weg, water, spoor en lucht. Stofnamen of groepen zijn gekoppeld aan zgn. UN nrs. De oranje borden vertellen dus met welke stof-fen men te maken heeft. Dit is belangrijk in het geval van calamiteiten, maar ook voor doorgang door tun-nels.

EuralcodeDe Euralcode is in 2002 in de gehele Europese Unie ingevoerd en is een indeling in 19 industrietypes, waar-onder de belangrijkste afvalstoffen uit die bedrijfstak zijn gekoppeld. Deze codering hoort aan elke afvalstof toegekend te worden. Bij alle afvalstoffenverwerkers is aan hun vergunning een lijst met Euralcodes gekop-peld die geaccepteerd mogen worden. Dat maakt het voor klanten in één oogopslag inzichtelijk of een ver-werker hun afvalstof mag accepteren.

25

Arno Nijssen, lab-manager en acceptant bij ATM

Page 26: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

26 ATMOSFEER februari 2015

Jaartsveld Groen en Milieu

Na ruim 30 jaar sluiten de poorten van Jaartsveld Groen en Milieu in Steen-bergen, dochteronderneming van ATM. Huidige marktontwikkelingen ma-ken een sluiting onontbeerlijk. Reden temeer om in deze editie uitgebreid terug te blikken op 30 jaar bedrijvigheid en toewijding.

Door Leunis Riemens

Ontstaan Jaartsveld Groen en Milieu B.V (JGM) werd opgericht in 1982 en wel op 23 juli, als werk-maatschappij van Jaartsveld Beheer te Silvolde en zuster-bedrijf van Jaartsveld Wegen-

bouw. De bedrijfsomschrijving was als volgt: Het ad-viseren in-, het aannemen en uitvoeren van-, en het handelen in zaken betreffende groen- en recreatieve voorzieningen, cultuurtechnische werken en milieu-techniek. Reeds op 30 december 1978 was Jaarts-veld Exploitatie opgericht die het terrein van 16,5 hec-tare aan de Dinteloordseweg 55 te Steenbergen had verworven. Hierop stonden de bedrijfsgebouwen van de eind jaren '70 gestopte Coöperatieve Vlasfabriek Dinteloord. Samen met Jaartsveld Wegenbouw (JWB)

werd een groot gedeelte van die gebouwen gesloopt en begonnen met de aanleg van een opslagterrein.

Directeur van zowel JWB als JGM was Jan Huiszoon en in 1985 werd Ruud Lim als bedrijfsleider aangetrok-ken. JGM begon met personeel en materieel dat werd ingehuurd van JWB, waarna van lieverlee eigen men-sen in dienst werden genomen. Eén van de eersten was Hanneke Diepstraten als telefoniste/secretaresse. In 1991 had JGM bijvoorbeeld 18 medewerkers in dienst en in 1994 waren dat er al 24.

Het was die tijd van de affaire Lekkerkerk. Er knapte een waterleidingbuis in het dorpje Lekkerkerk en de grond bleek zwaar vervuild. De huizen moesten leeg en de grond werd metersdiep afgegraven tot onder de

Terugblik op ruim 30 jaar bedrijvigheid en toewijding

Coöperatieve Vlasfabriek Dinteloord, voormalig JGM-terrein.

Jaartsveld in een notendopTot de ATM-groep behoort ook Jaartsveld Groenen Milieu B.V. in Steenbergen. Bulkstoffen zoalsgrond, RKG-zand (Riool-, Kolken-, Gemalen zand) en veegzand worden door een extractieve reini-ging verwerkt. De verwerking van deze afvalstoffen vindt plaats door middel van mineraalscheidings- en flotatietechnieken. Na verwerking resteert een grote schone zandfractie, die geschikt is voor her-gebruik, en een kleine vervuilde restfractie. Jaarts-veld beschikt tevens over een grondbank waar partijen grond tijdelijk kunnen worden opgeslagen en gekeurd alvorens te worden hergebruikt.

Leunis Riemens, voormalig bedrijfsleider Jaartsveld

Page 27: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

27

huizen toe. Minister Ginjaar wist in korte tijd de Wet Bodemsanering door het parlement te jagen en vroeg grondverzetbedrijven en wegenbouwers met oplossin-gen te komen.

NVPGIn 1984 richtte een aantal grondreinigers de bran-chevereniging NVPG (Ne-derlandse Vereniging van Procesmatige Grondbe-werkingsbedrijven) op, waarvan Jan Huiszoon jarenlang voorzitter is ge-weest. Deze NVPG heeft in 2002 de zogenaamde Gedragsregels opgesteld waaruit later de BRL's (Be-oordelingsRichtLijnen) zijn voortgekomen.

"Vanaf eind 1986 tot en met 2003 was JGM de enige die verontreinigd

smeltslakstraalgrit verwerkt heeft."

Reiniging van vervuild straalgrit én grond In 1984 werd door JGM begonnen met een haalbaar-heidsonderzoek om vervuild straalgrit te reinigen en te recyclen. Door het onderzoeksbureau COT werd in 1985 een inventarisatie gestart wat op 25 maart 1986 resulteerde in het rapport Terugdringen van het stor-ten van vervuild eenmalig straalgrit. Op 7 oktober 1986 gaf het ministerie VROM, dat straalgrit had aangewe-zen als prioritaire afvalstof, de opdracht om onderzoek te doen naar de reiniging van vervuild straatgrit en werd een begeleidingscommissie ingesteld. Vanaf dat moment moest het gebruikte straalgrit worden inge-zameld en was de doelstelling om in 2000 minimaal 80% te recyclen.

Met een door JGM ontwikkelde proefinstallatie werd circa 600 ton vervuild straalgrit gereinigd. Deze instal-latie was gebaseerd op mineraalscheidings- en flota-tietechnieken, procedés uit de mijnbouwindustrie. De resultaten werden gepubliceerd in het rapport Onder-zoek inzake reiniging van partijen vervuild straalgrit op praktijkschaal (reeks Afvalstoffen nummer 40).Aan de hand van de Regeling Niet-Reinigbaar Straalgrit kon worden beoordeeld of het straalgrit al of niet te reini-gen was. Zo niet, dan verstrekte JGM een Niet-Reinig-baarverklaring en kon het straalgrit naar een stortplaats worden gebracht.

Eind 1986 werd met de nieuwgebouwde reinigingsin-stallatie proefgedraaid en het jaar daarop was de in-

stallatie operationeel. Vanaf die tijd tot en met 2003 was JGM de enige die verontreinigd smeltslakstraalgrit verwerkt heeft. Bij aanvang zag men het belang al in om middels eigen analyses de reinigingsresultaten te kunnen bepalen en werd er vervolgens een eigen la-boratorium ontwikkeld. In 1990 kwam hiervoor Elma Hopmans in dienst die eerst op freelance-basis al een aantal maanden analyses had uitgevoerd.

In 1988 werd de installatie aangepast voor het reinigen van vervuilde grond. In het kort komt het proces erop neer dat de aangeboden grond eerst wordt voorge-zeefd in een aantal stappen. Alle grove bestanddelen (grote brokken puin, wortels, bielzen, stukken beton enzovoorts) worden zo verwijderd. Daarna volgt natte zeving waarbij de fijnere bestandsdelen, zoals fijn puin, grind, takjes, plastic, worden afgescheiden. Middels flotatie en opstroming van de grond en waterslurry komt het gereinigde zand vrij. Alle reststromen met de verontreinigingen komen uiteindelijk in de vorm van een zogenaamde filterkoek uit het proces. Deze koek gaat al, naargelang de verontreinigingen, naar ATM voor thermische verwerking of naar Smink om gestort te worden. Een enkele keer komt het bij het reinigen van asbesthoudende grond voor dat de filterkoek ge-schikt is voor hergebruik. Ook het bodemvreemde ma-teriaal, zoals fijn puin, takken en blad vindt zijn weg naar Moerdijk.

Afzet gereinigde materialenVoor de afzet van het gereinigde straalgrit werd een samenwerking aangegaan met Unigeni BV die hiervoor een opwerkinstallatie bouwde in een loods van JGM. Dit resulteerde in een rapport Oriënterend onderzoek naar hergebruik van gereinigd straalgrit. Deze samen-

27

Het reinigen van verontreinigde grond, RKG- en veegzand vindt plaats door middel van mineraal-scheidings- en flotatietechnieken, afkomstig zijn uit de mijnbouwindustrie.

Het oude JGM-logo voor de overname door Shanks Group plc.

Page 28: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

28 ATMOSFEER februari 2015

werking was echter geen succes: Unigeni ging failliet en JGM bleef zitten met een voorraad van circa 70.000 ton gereinigd straalgrit opgeslagen op haar terrein en extern nog eens circa 50.000 ton. Na intensief overleg met VROM werd aan ingenieursbu-reau Tauw opdracht gegeven voor onderzoek naar het uitlooggedrag van gereinigd straalgrit om na te gaan of het geschikt zou zijn voor filter- of drainagelaag. In maart 1992 verscheen het rapport Toepassingsonder-zoek gereinigd straalgrit, waaruit bleek dat gereinigd straalgrit geschikt was voor de beoogde toepassing.Voor de daadwerkelijke toepassing als ontgassing-slaag diende het demonstratieproject Kragge I, waar-bij zowel VROM, provincie Noord-Brabant, gemeente Bergen op Zoom als JGM nauw betrokken waren. Tus-sen 1992 en 1995 is er 120.000 ton gereinigd straalgrit naar dit project op de Kragge gebracht en toegepast. Daarna is nog eens 60.000 ton toegepast bij Afvalver-werkingsbedrijf Derde Merwedehaven (AVM) te Dor-drecht en circa 80.000 ton in de civiele sector. Na het van kracht worden van de Nota Secundaire Grondstoffen bleek dat voor een groot gedeelte van het (gereinigde) straalgrit een thermische (na-)behan-deling noodzakelijk was vanwege het organotingehalte. Daar dit op den duur 80 tot 90% van het verontreinigde straalgrit betrof werd in 2003 besloten om de straalgrit-reiniging helemaal aan ATM over te dragen.

GrondbankIn 1997 werd de eerste circa 500 ton hergebruiks-grond ingenomen. Deze activiteit groeide uit tot een belangrijk onderdeel van de bedrijfsvoering, waarbij er de laatste jaren tussen de 35.000 en 50.000 ton her-gebruiksgrond werd afgezet voor nuttige toepassing.Sinds 2012 is deze activiteit vanuit de BRL9335 aan strengere regels onderworpen: de grond dient per kwaliteit, Achtergrondwaarde, kwaliteit Wonen of Industriekwaliteit te worden samengevoegd tot max 100 ton die na inkeuring met alleen grond van dezelfde kwaliteit tot 2000 ton mag worden opgebulkt voor de AP04-keuring.

JGM in groter verband

Oktober 1992 werd JGM overgenomen door Waste Management Nederland (WMN) en kreeg te maken met het milieuzorgsysteem CompassCover waarin alle vergunningsvoorschriften, de benodigde acties en eventuele afwijkingen waren opgenomen. Later werd dit Core.In datzelfde jaar werd het, onder leiding van de sep-tember 1990 in dienst gekomen Leunis Riemens, het vernieuwde en uitgebreide laboratorium in gebruik ge-

nomen. Men had nu de beschikking over een AAS voor de bepaling van zware metalen na microwave-ontslui-ting, HPLC voor de PAK's-analyse, Continuous Flow voor cyanidebepaling en GC-MS voor onder andere minerale olie, pesticiden, aromaten. Dit maakte ook een uitbreiding van de laboratoriumbezetting noodza-kelijk met Ruud van Berkel, Antoinette van Schaik en Anjo Verhaart. Ook kon het reinigingsproces worden nagebootst middels flotatie- en opstroomtechnieken, zodat reinigingsrendementen vooraf konden worden bepaald.

In die tijd werden partijen verontreinigde grond op de markt gebracht door de overheid opgerichte Service Centrum Grondreiniging (SCG). De reinigers kregen vooraf monsters en konden dan op basis van het test-werk doorgeven welk reinigingstarief er nodig was. Het SCG kwam daarna ook weer de partijen gereinigd zand bemonsteren, keuren en zorgde via het Cen-trum Hergebruik Grond (CHG) voor de afzet. Met de komst van het Bouwstoffenbesluit, en later het Besluit Bodemkwaliteit, is dit allemaal veranderd en dient het gereinigd zand via vaste protocollen te worden uitge-keurd. In 2004 werd er een overeenkomst afgesloten met Martens en Van Oord, die tot nu toe al het ge-reinigd zand heeft afgenomen. Recentelijk nog bijna 211.000 ton die zijn toegepast bij de aanleg van de nieuwe A4.

In april 1994 ging het helemaal mis bij JGM door grote problemen met provincie en hoogheemraadschap. Vervolgens werd de leiding van het bedrijf vanuit WMN vervangen door de interimmanager Willem Koppel en JanJaap Koopman werd bedrijfsleider. Daarnaast werd Jan van Hasselt aangetrokken als procestechnoloog. Met man en macht ging men de problemen te lijf, met als codenaam operatie Turn Around and Start Again en het lukte om het vertrouwen van het bevoegd gezag te herstellen en de reiniging te optimaliseren.

Martens en Van Oord heeft tot nu toe al het gereinigd zand afgenomen en hergebruikt.

Page 29: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

29

ATMNa de roerige periode 1994-1995 werd JGM samen-gevoegd met zusterbedrijf ATM te Moerdijk. Dit hield in dat JGM voortaan onder de directie van ATM viel en Jack Droog ook directeur bij JGM werd. De per-soneelszaken, financiële administratie, en het com-plete laboratorium met haar menskracht, apparatuur en inventaris werden in 1996 ondergebracht bij ATM. Dit betekende ook het einde van de procedure om STERlab te worden. JGM maakte vervolgens ook ge-bruik van ondersteunende diensten van ATM zoals ICT en de (elektro-)technische dienst. Wel bleef JGM een aparte BV en stond afvalstoffentechnisch helemaal los van ATM.

In 1996 werd de reinigingsinstallatie ingrijpend aange-past en Sjaak den Ridder als Day Supervisor aange-steld bij JGM. In het jaar daarop vertrokken JanJaap Koopman en Jan van Hasselt, waarna Leunis Riemens de functie van bedrijfsleider ging vervullen. Hierna kreeg de samenwerking met de afdeling Sales van ATM meer vorm en waren Piet Rolloos, Rob van Zundert en Kees de Ridder nauw betrokken bij de acquisitie voor JGM. Ook andere zandachtige materialen zoals RKG-zand (Riool-, Kolken-, Gemalen zand), veegzand, snijzand, filterzand werden vanaf die tijd ingenomen voor rei-niging. Uitgebreid is gekeken naar het reinigen van sorteerzeefzand, maar dit gaf grote complicaties in verband met het ontstaan van het zeer giftige water-stofsulfide (H2S). Dit heeft er wel voor gezorgd dat de afvalwaterpersleiding, vanwege de stankproblemen in de riolering van Steenbergen-Oost, kon worden aan-gesloten op de persleiding West-Brabant.

Reym Ontwatering In augustus 1995 werd een loods en een gedeelte van het terrein verhuurd aan het zusterbedrijf Reym ten be-hoeve van hun ontwateringsactiviteiten. Dit was helaas van korte duur want twee jaar later werd deze tak over-gedragen aan Indaver Impex te 's-Gravenpolder.

Shanks GroupHet is maart 2000 als de gehele groep Waste Manage-ment Nederland, en dus ook JGM, wordt verkocht aan Shanks Group plc.

KLOK ContainersIn 2002 werd Klok Containers, tevens onderdeel van de Shanks Group, door JGM benaderd om in de re-gio Steenbergen bouw- en sloopafval in te zamelen en op de locatie van JGM te verwerken. Een aanvraag wijzigingsvergunning ging de deur uit en na diverse infrastructurele aanpassingen konden portacabins ge-plaatst en een sorteerinstallatie worden gebouwd.

"JGM was de eerste in Nederland die asbesthoudende grond kon

en mocht reinigen."

De eerste vracht bouw- en sloopafval werd 1 okto-ber 2004 aangevoerd. Deze activiteit ontwikkelde zich voorspoedig tot ruim 23.500 ton in 2008. Echter be-sloot de nieuwe Klok-directie in 2009 hiermee te stop-pen: de sorteerinstallatie werd verkocht en de loods kon weer door JGM worden gebruikt.

Voorzieningen

Weegbrug, GIS en IWSIn 1990 werd een nieuwe weegbrug in gebruik geno-men, ter vervanging van de oude weegbrug die nog uit de tijd van de vlasfabriek stamde. Dit was een moder-nere weegbrug met 'computer' waar Hille Visser (voor de collega's van JGM altijd meneer Visser) de scepter zwaaide. In 1996 ging hij met pensioen ging en werd opgevolgd door Jacco Kamp, die jarenlang de logistie-ke afhandeling, materiaalbalansen en maandafsluiting in samenwerking met Kees 't Lam voor z'n rekening heeft genomen. Jacco is vervolgens begin 2012 bij ATM gaan werken. De ontvangen gevaarlijke afvalstoffen (WCA) moesten destijds gemeld worden door een doorslag van het formulier Omschrijving Chemische Afvalstoffen in te sturen naar het ministerie VROM. Kortom: een giganti-sche papierwinkel! In mei 1998 werd het Goederen In-formatie Systeem (GIS) van ATM bij JGM geïmplemen-teerd zodat alle weeggegevens geregistreerd werden en voor verdere bewerking zoals facturatie online be-schikbaar waren. Vanuit dit systeem kon elektronisch worden gemeld aan het Landelijk Meldpunt Afvalstof-fen (LMA). Later kwam hiervoor Amice als meldings-systeem. Ten tijde van de Klokactiviteiten draaide ook het IWS-systeem voor de registratie van de containers bouw- en sloopafval en het bedrijfsafval.

Laad- en losbruggenOm het mogelijk te maken gereinigd zand per schip af te voeren, is in 2005 in samenwerking met Martens en Van Oord een tweetal laad- en losbruggen neergelegd op de oever van de Steenbergse Vliet. Hierdoor werd het mogelijk materiaal aan- en af te voeren per schip. Weliswaar kleine schepen van circa 500 á 600 ton, de zogenaamde Kempenaars, vanwege een drempel en sluis bij De Heen. Dit is echter nooit geworden wat er voorafgaande van verwacht werd; alleen in de periode dat er geen gerei-nigd materiaal meer werd toegepast in Nederland is er per schip gereinigd zand afgevoerd naar Antwerpen,

29

Page 30: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

30 ATMOSFEER februari 2015

evenals het gereinigde sorteerzeefzand. Later is er van bepaalde projecten nog wel verontreinigde grond per schip aangevoerd, maar het beperkte tonnage was toch een te groot struikelblok.

PersrioolDoor de diverse wijzigingen ontstond in perioden met veel regen een overschot aan terreinwater, afkomstig van de 18.000 m² vloeistofdichte vloeren. Er was on-voldoende opslagcapaciteit voor het terreinwater aan-wezig, dat dus per tankauto moest worden afgevoerd. In 1995 werden vervolgens twee vuilwaterbassins van elk 450 m³ gebouwd en, met toestemming van de ge-meente Steenbergen en Rijkswaterstaat, een eigen persriool naar het gemeentelijke riool van Steenbergen aangelegd. Hierop werden tevens de beide woonhui-zen, het kantoor en laboratorium aangesloten.

BestemmingsplanJGM heeft jarenlang indirect een gevecht geleverd met de afdeling RO van de provincie om de uitbreidingsmo-gelijkheden veilig te stellen. Dit betrof de omzetting van circa negen hectare grond met agrarische bestemming naar industriële bestemming, en daarbij de mogelijk-heid om de bestaande gebouwen uit te kunnen brei-den. Vooral de KAM-coördinator René Dijkmans heeft zich hier voor ingezet. De gemeente Steenbergen heeft zich altijd loyaal opgesteld totdat men in wanhoop de handdoek in de ring gooide en JGM het zelf moest opknappen. Bij de derde Raad van State (RvS)-zaak werd de provincie 'gedwongen' om haar medewerking

te verlenen en trof de staatsraad een voorlopige voor-ziening. Uiteindelijk heeft dat nog tot diverse aanvullen-de onderzoeken geleid zoals onderzoek naar flora- en fauna, waterberging en geluid. In april 2007 resulteerde dit eindelijk in de goedkeuring door de provincie van het bestemmingsplan Bedrijventerrein Dinteloordse-weg. Een traject van bijna 13 jaar was teneinde! JGM mocht haar gebouwen uitbreiden met 4.000 m² en het gehele terrein had nu een industriële bestemming.

Landschappelijke inpassingIn het kader van wijziging bestemmingsplan was met de gemeente Steenbergen afgesproken om het bedrijf landschappelijk in te passen. Hiervoor werd in 2001 de zuidelijk gelegen Triangeldijk van Staatsbosbeheer in erfpacht overgenomen, evenals twee hectare bos en circa een hectare natuurterrein. De dijk werd toen al in overleg met (en subsidie van) Brabants Landschap en Hoogheemraadschap West-Brabant beplant met bo-men en struiken. Deze proactieve houding heeft later zeker in het voordeel van JGM gewerkt bij de RvS-zaken. De eveneens in dat plan opgenomen verlaagde oevers, paaiplaats en grondwal langs de Steenbergse Vliet is nooit verwezenlijkt omdat in 2013 het Water-schap aan de overzijde een ecologisch gebied heeft ingericht.

VergunningenIn eerste instantie begonnen de activiteiten onder een Hinderwetvergunning. Op 7 januari 1987 werd een WCA-vergunning (Wet Chemische Afvalstoffen) aange-vraagd, die middels een beschikking van 28 juni 1989 werd verleend. Op 28 oktober 1987 werd de AW-vergunning (AfvalstoffenWet) aangevraagd en middels een beschikking op 22 juni 1993 van kracht. De eerste WVO-vergunning (Wet Verontreiniging Oppervlaktewa-teren) is van 23 mei 1992 en werd op 13 mei 1995 vervangen door een nieuwe beschikking. De AW- en WCA-vergunningen werden opgevolgd door de WM-vergunning (Wet Milieubeheer), de eerste dateert van 8 februari 1999. Na de nodige meldingen, verande-ringsvergunningen en (ambtshalve) wijzigingen kreeg JGM een revisievergunning op 15 september 2009, nadat de RvS een aantal knopen (in het voordeel van JGM) had doorgehakt. Inmiddels is de Omgevingswet in werking getreden en de geldigheidsduur omgezet in onbepaalde tijd. In het kader van de WVO werd op 23 juli 2007 een nieuwe revisievergunning van kracht, gevolgd door een tweetal wijzigingen op verzoek in 2007 en 2010.

Certificering en erkenningenDoor de toegenomen werkzaamheden en de vergun-ningsvoorschriften ontstond de behoefte om de werk-

Laad- en losbruggen op de oever van de Steenbergse Vliet

De uitbreiding van het Jaartsveld-terrein in 2007

Page 31: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

31

wijzen vast te leggen. Hiervoor werden in 1990 bedrijfs-voorschriften opgesteld en ter goedkeuring voorgelegd aan de provincie. In 1997 werd besloten het zorgsy-steem van JGM te certificeren conform ISO14001. In dat kader werd ook het eerste Milieu- en Arbojaarver-slag uitgebracht over 1998. In mei 2002 werd de op-dracht verstrekt voor het certificatieonderzoek en per 1 januari 2003 was het ISO14001-certificaat een feit. Daarna werd jaarlijks een verslag en jaarplan opgesteld en aan diverse instanties toegestuurd. In de loop der jaren hebben de KAM-coördinatoren Haske Peters, Jacques de Jong, Marco Wever en René Dijkmans hier een grote rol in gespeeld.Ten gevolge van het Besluit Inzamelen Afvalstoffen werd in 2005 een aanvraag ingediend voor de vermelding op de lijst van vervoerders, inzamelaars, handelaars en be-middelaars. Hierbij zijn de criteria kredietwaardigheid, vakbekwaamheid en betrouwbaarheid beoordeeld, wat resulteerde in het zogenoemde VIHB-nummer NB505213VIHB. In het kader van de Kwalibo-regeling (Besluit uitvoeringskwaliteit Bodembeheer) was het noodzakelijk om voor de grondactiviteiten een erken-ning te krijgen. Hiervoor was certificering op basis van de BRL SIKB 7500 (grondreiniging) en BRL SIKB 9335 (grondbank) noodzakelijk. Op 24 januari 2007 startte deze procedure met een eerste onderzoek en op 5 juni werden beide certificaten BVG-008/1 en GR-031/1 ontvangen en kon de erkenning bij SenterNovem wor-den aangevraagd.

AsbestIn 1999 werd JGM regelmatig geconfronteerd met bulkmaterialen verontreinigd met asbestbevattende producten. In de jaren tot 2001 werd in samenwerking met Reym intensief onderzoek verricht naar de moge-lijkheid asbesthoudende grond te reinigen en proefrei-nigingen uitgevoerd. Deze toonden aan dat dit soort grond naast droge zeving ook, en soms alleen maar, middels extractieve reiniging asbestvrij te maken zou zijn. In 2001 heeft dit, na een aanvraag daartoe, gere-sulteerd in een vergunning voor het extractief reinigen van deze afvalstromen. Daarmee was JGM de eerste in Nederland die asbesthoudende grond kon en mocht reinigen. De expertise die JGM sinds eind 1999 had

opgebouwd, was voor het ministerie van VROM reden JGM om advies te vragen bij de totstandkoming van nieuwe wet- en regelgeving aangaande bulkmateria-len verontreinigd met asbestbevattende producten. Dit project werd in maart 2004 afgerond.Asbestreiniging is gebonden aan strenge regels die zijn vastgelegd in een Werkplan. Tijdens de reiniging wordt zowel de lucht als het proceswater met regelmaat op diverse plaatsen gecontroleerd op asbestvezels. In al die jaren zijn er nooit vezels gevonden, noch in de lucht noch in het water.

GrondmarktInmiddels is het SCG allang opgeheven en is de grond-markt vanwege de overcapaciteit van de (extractieve) reinigers al jarenlang een vechtmarkt geworden. JGM heeft altijd geprobeerd zich hierin te onderscheiden door extra service te bieden, snel te reageren en trans-parant te zijn. Door de intensieve inkeuring bleek regel-matig dat partijen te reinigen grond toch in aanmerking kwamen voor hergebruik. Hierover werd de klant in-gelicht en middels een creditnota deelde deze mee in het financiële voordeel. Vandaar dat bepaalde klanten zoals Gemeentewerken Rotterdam en gemeente Vlis-singen waar mogelijk alle grond naar JGM brachten.

Het besluit om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen heeft dan ook bij veel klanten een gevoel van teleur-stelling opgeroepen. Alle bij JGM (parttime) werkende mensen, André Ardon, Teun Breen, Hanneke Diepstra-ten, John Dingemans, Ad Donkers, Eugenio Dos San-tos, Leon Kerstens, Leunis Riemens, Sjaak den Ridder, Marian van Snek, Huseyin Veyisoglu en Leen de Vos gaan verder bij ATM.

Sinds de oprichting tot en met afgelopen jaar heeft Jaartsveld Groen en Milieu waardevol bij-gedragen aan een opgeruimde wereld door circa 2,4 miljoen ton afvalstoffen te reinigen en 450.000 ton hergebruiksgrond af te zetten.

31

Het Jaartsveld-terrein aan de Dinteloordseweg 55 in Steenbergen

Page 32: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

32 ATMOSFEER februari 2015

Zo bouw je een tank

Al lopend over het terrein springt de nieuwbouw van een aantal grote tanks direct in het oog. Vreemd genoeg heeft de redactie nog niet eerder aandacht besteedt aan bedrijven die bij ATM al-lerlei bouwwerkzaamheden uitvoeren. Reden te-meer dus om eens aan te kloppen bij de mensen van Oostwouder Tank en Silobouw.

Het is even zoeken, want de tanks worden gebouwd door een kleine groep mensen. Zes om precies te zijn, zo weet de 52 jarige voorman Eric Tedieke mij te ver-tellen nadat ik ze uiteindelijk gevonden had. Hij doet

dit werk sinds 1999, nadat hij uit Nieuw Zeeland was teruggekeerd. Door Aziatische, prijsopdrijvende, in-vloeden was zijn boerderij daar niet langer rendabel. Omdat je daar nogal op jezelf aangewezen bent, moet je technisch aangelegd zijn en dat komt goed van pas als je in de tankbouw verzeild raakt. Zo'n zeven jaar geleden is hij vanuit het Noord Hollandse Schagen af-gedaald naar het zuiden om zijn eerste klus bij ATM uit te voeren. Dat was nog traditionele tankbouw, wat wil zeggen met veel mensen en kranen werd de tank gebouwd. Soms kan het niet anders dan de tank ter plekke bouwen en later 'inhijsen'. Dat doe je als er te weinig ruimte is of als een tank nog in gebruik is en pas gesloopt wordt als de nieuwe klaar staat.

De manier waarop de nieuwe RVS tanks gebouwd worden is behoorlijk in-trigerend. Je ziet de tank steeds verder groeien, terwijl hij al die tijd steeds op 'pootjes' blijft staan. "Deze manier van bou-wen wordt coilbouw ge-noemd," aldus Eric voor wie het allemaal dood-

gewoon is. "Het grote voordeel van deze manier van bouwen zit hem in de beperkte hoeveelheid mensen en middelen die nodig zijn om het werk te realise-ren. Het is financieel stukken voordeliger. Reeds in de tachtiger jaren van de vorige eeuw is de toenmalige di-recteur met deze methode gaan experimenteren. Er is toen zelfs patent op aangevraagd, maar dat is natuur-lijk gemakkelijk te omzeilen. Toch is het een techniek die eigenlijk, ondanks steeds verdere doorontwikkeling weinig navolging heeft gekregen."

Hoe werkt het?Met het CoilBuilding systeem worden de tanks op lo-catie gebouwd. Het is een 'from the top downwards' methode, d.w.z. dat begonnen wordt met de boven-kant van de tank en dat ringen er stuk voor stuk onder worden gezet. We zijn vanaf het eerste moment betrok-ken bij het bouwen van de tank, want de bodemplaat is ons vertrekpunt. Daarna wordt het dak neergelegd en begint het bouwen. Met een ingenieus systeem van wielen en vijzels wordt er steeds een ring, die eerst op de juiste diameter is gewalst en afgesneden, on-der een andere ring gedraaid. Op het moment dat dat gebeurd is wordt de tank eerst aan de binnenkant ge-hecht door stroken van ongeveer een meter vast te lassen, met de TIG techniek. Daarna wordt vanuit de lascabine middels een plasma de ring volledig vastge-zet, waarbij de tank ronddraait met een snelheid van 30 cm per minuut bij een wanddikte van 5 mm. "De eerste ringen gaan over het algemeen het snelst omdat de wanddikte daar het laagst is. Bovenin krijgt de tank minder druk per cm2 voor zijn kiezen dan onderin. Je begint met 5 mm en eindigt bij 10 of 12 mm," zo on-derwijst Eric. En daarna herhaalt dit proces zich, waar-bij de vijzels de tank precies die afstand liften als dat de ring hoog moet worden. Hoe hoger de tank wordt hoe meer vijzels er gebruikt moeten worden, daar die namelijk beperkt zijn in hefvermogen. Dit ontlokt hem de opmerking dat dit de grootste tanks zijn die hij ooit heeft gebouwd met dit systeem. Tanks met een inhoud van 10000 m3 bouw je niet vaak, al is het wel een trend om steeds grotere tanks te bouwen.

Veiligheid"We zijn een VCA gecertificeerd bedrijf en omdat wij veel op locatie werken worden ook daar regelmatig audits gehouden. Ook tijdens dit project hebben we al

Eric Tedieke, voorman bij Oostwouder tank- en silobouw

Page 33: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

33

controle gehad, die we uiteraard goed doorstaan heb-ben," verteld Eric me lachend. "Wij vinden zelf veilig werken ook belangrijk, want aan het eind van de week willen we wel graag heelhuids de thuisreis aanvaarden. We zitten hier de hele week met z'n zessen op een camping hier in de buurt." Op de vraag of zo'n tank nu een besloten ruimte is of niet stelt Eric mij de weder-vraag: "zeker naar de VCA cursus geweest?". Ja, toe-vallig deze week, moet ik beamen. "Dan zou je moeten weten dat een besloten ruimte maar één uitgang heeft. En als je goed kijkt zie je dat in deze nieuwe tanks twee mangaten zitten." Als excuus dien ik aan dat de tank zo groot is als een bal-zaal en dat niet direct gezien heb. (ca. 24 meter in doornsnee en 24 meter hoog). Eric: "Bij het repareren van oude tanks komt dan ook wel wat meer kij-ken dan bij nieuwe. Ikzelf ben daar huive-rig voor omdat je nooit weet of de bodem-plaat niet lek is en er nog allerlei dampen uit de grond kunnen komen. Nee, geef mij maar het bouwen van nieuwe tanks."

ProjectBinnen ATM is Corné Ewijk mijn aanspreek-punt en we hebben dagelijks contact met elkaar over de voortgang van de bouw. "Het is prettig om steeds met dezelfde mensen te maken te hebben. Twee jaar geleden toen we een drietal 5000 m3 hebben gebouwd hebben we elkaar voor het eerst ontmoet. De samenwerking verloopt perfect. Met deze tanks zijn we in april begonnen en in

week 50 moeten we klaar zijn, wat betekent dat we met de Kerst thuis zijn. Dat gaan we met gemak ha-len," aldus Eric. "Daarna volgt nog de afwerking: reling, trap en aansluiten, maar ook de tankput dichtmaken, pompen plaatsen en wat allemaal nog meer nodig is om de tanks te kunnen gebruiken en te laten voldoen aan de gestelde eisen van PGS 29 (Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen). In april 2015 worden ze in gebruik genomen. Maar dan zitten wij alweer ergens anders."

33

Page 34: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

34 ATMOSFEER februari 2015

Jaarlijkse ATM Veiligheidsdag

Veiligheid is belangrijk bij alles wat we doen. Vandaar ook de vele aandacht voor het veiligheids-bewustzijn van onze collega's. Donderdag 20 no-vember was het onze Veiligheidsdag met dit jaar als thema: Voorkom een ongeval! Veiligheidsfunc-tionarissen en het management van ATM vroegen die dag extra aandacht voor het melden van interne risico's om uiteindelijk ongevallen te voorkomen.

Leren van risicomeldingenOm risico's goed in kaart te brengen en deze vervol-gens uit te sluiten of te beheersen, stimuleren we col-lega's doorgaans om onveilige situaties zo veel mogelijk te melden. Alle meldingen registeren we in een geauto-matiseerd systeem. De meldingen worden geanalyseerd en omgezet in preventieve maatregelen die de interne veiligheid nog verder verbeteren.

Veiligheidsdag 2014Op donderdag 20 november was er zowel vanuit ATM als Reym extra aandacht voor het melden van interne ri-sico's. Volgens de IJsbergtheorie blijkt achteraf namelijk vaak dat er vanuit meldingen al aanwijzingen waren dat er een potentieel risico bestond. In de vroege ochtend werden veel collega's 'aangehouden' bij het betreden van het ATM-terrein. Niet zozeer met het doel om te zoe-ken naar of aanwijzen van overtredingen, maar door de dialoog aan te gaan de herkenbaarheid en de bewustzijn te vergroten. Onder het genot van een bakje koffie werd in de Veiligheidstent het dialoog gevoerd.

Veiligheidsdag 2015Mocht u suggesties hebben voor het thema voor volgend jaar? Laat het ons dan vooral weten. U kunt hiervoor mailen naar: [email protected].

Door de campagne zijn op één dag 163 ATM-collega's en contractors bereikt.

Page 35: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

35

Investeren in VCAOnze medewerkers staan altijd centraal. We geven alle medewerkers dan ook de ruimte om talenten te

ontwikkelen. Door te investeren in opleidingen willen we daarbij ieders vakbekwaamheid en het veilig-heidsbewustzijn vergroten. We investeren daarom in VCA (Basisveiligheid) en VOL VCA (Veiligheid voor

Operationeel Leidinggevenden). Onder meer de ope-rationele medewerkers, hun leidinggevende, de afde-ling Compliance, het managementteam en de Sales-

buitendienst komen in aanmerking. Kortom: bijna alle medewerkers volgen de veiligheidsopleiding. De eerste medewerkers hebben inmiddels de VCA-cur-sus gevolgd en het examen succesvol afgerond. Het

streven is dat alle collega's die in aanmerking komen, in het voorjaar van 2015 deze opleiding afronden.

Gepensioneerden 2014 ATM is in 1981 ontstaan. Veel collega's die toen in dienst traden, zijn dat nog steeds. Hier zijn we trots op en deze loyaliteit wordt dan ook zeer gewaardeerd. Inmiddels hebben een aantal van deze medewer-kers de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Het afgelopen jaar hebben we vijf trouwe ATM'ers uitge-zwaaid:

Op vrijdag 31 oktober 2014 was er een gezamenlijke afscheidsreceptie en aansluitend een diner met de familie. Ook via deze weg danken wij Marc, Cees, Marian, Huib en Johan hartelijk voor hun inzet en betrokkenheid. Wij wensen jullie nog vele jaren in goede gezondheid toe en geniet van jullie welverdiende pensioen!

Nieuwsflits

Terugblik bedrijfsongeval 31 juli 2014Donderdag 31 juli 2014 heeft er zich een bedrijfsongeval voorgedaan bij de Thermische Reinigingsinstallatie (TRI) op het ATM-terrein. Het ongeval deed zich voor tijdens het verwijderen van een verstopping in het elek-trostatisch filter (ESP). Tijdens controle van deze werkzaamheden is een medewerker van ATM in contact gekomen met het warme stof. Een tweede medewerker is hem te hulp geschoten en is vervolgens ook in contact gekomen met het warme stof. Beiden hebben hierbij brandwonden opgelopen en zijn toen naar het brandwondencentrum in Rotterdam gebracht om daar verder behandeld te worden.

De medewerker die in eerste instantie met het stof in aanraking kwam, is onze Technische Directeur Rinus van 't Westende. Rinus is inmiddels hersteld en vanaf 15 december 2014 weer fulltime bij ATM aan het werk. Degene die hem te hulp is geschoten, Corné van Kaam, was eerder hersteld van zijn brandwonden. Rinus en Corné danken een ieder voor de steun die zij tijdens hun herstelperiode van vele ATM'ers hebben ontvangen. "Dat heeft echt verschil gemaakt," aldus Rinus.

Huib Evegaars, in dienst vanaf 9-9-1991 Marian Sankalla, in dienst vanaf 16-4-1984Marc Bracke, in dienst vanaf 1-7-2004

Johan den Bakker, in dienst vanaf 1-6-1992Cees Mulders, in dienst vanaf 1-1-1990

Page 36: ATMosfeer editie 14 – Februari 2015

Afvalstoffen Terminal Moerdijk B.V. Industrieterrein - Seaport M152Vlasweg 12, 4782 PW MoerdijkPostbus 30, 4780 AA Moerdijk

Nederland

Tel.: +31 (0)168 389289Fax: +31 (0)168 389270

E-mail: [email protected]: www.atmmoerdijk.nl